Conclusie
2.Bespreking van het cassatieberoep
eerste onderdeelbetoogt dat het hof hetzij de maatstaf uit het arrest van 15 februari 2002 heeft miskend, hetzij zijn oordeel onvoldoende heeft gemotiveerd, omdat de volgende door [verzoekster] aangevoerde omstandigheden niet zouden zijn meegewogen:
tweede onderdeelstelt dat gegrondbevinding van onderdeel 1 ook rov. 4 (het dictum) van de bestreden beslissing raakt. Deze voortbouwende klacht deelt het lot van het eerste onderdeel en slaagt dus evenmin.