Conclusie
Nummer23/01173
Inleiding
Het middel
bewijsmiddelen over de emotie bij het slachtoffer na het delict
bewijsmiddelen die een uitlating van de verdachte inhouden
bewijsmiddelen met foto’s, video’s of de belgeschiedenis van de verdachte
schakelbewijs
bewijsmiddelen over een specifieke handelswijze van de verdachte
bewijsmiddelen met medische gegevens
bewijsmiddelen over de aanwezigheid van de verdachte bij het delict
het hof begrijpt: in verdachtes toenmalige woning aan de [a-straat 1] te [plaats] ).
het hof begrijpt: aangeefster [slachtoffer]) was al stil en moest wat huilen. Ze vroeg of ik wilde praten met haar. Ik zei tegen de leraar dat we de klas uitgingen. Ze zei dat ze een soort van verkracht was, door een vriend van haar moeder. Ze was bij een kroegentocht met haar tante en die vriend was de vriend van die tante. Ik zei dat ze het tegen de leraar moest vertellen, maar dat wilde ze eerst niet, dat was ook een man. Ik heb de leraar opgehaald. Hij wist niet wat hij ermee moest. Toen is een teamleider erbij gehaald en hebben we met z’n allen gepraat. Daarna is de moeder van [slachtoffer] gebeld.