Uitspraak
Algemene wet inzake rijksbelastingen(AWR) verkregen bankrekeningafschriften van de bewoners van genoemd adres. Tevens gaf de Belastingdienst een overzicht van de aangeschafte auto’s en de contante betalingen daarvan. Het ging volgens haar informatie om een grote contante geldstroom, die niet vanuit zichtbare inkomsten verantwoord zou kunnen worden. De bankafschriften, facturen auto’s, zijn hierbij als onderbouwing van de analyse gedeeld.
2.Uitgaven
3.Bankstortingen
- de gespreksverslagen van de besprekingen met het OM onder de RIEC-vlag;
- de communicatie met de bank inzake de bankafschriften;
- de bankafschriften met betrekking tot 2016;
- het bericht waaruit blijkt dat [naam 5] niet meer optreedt als de gemachtigde van eiseres;
- de aangifte overdrachtsbelasting/notariële afrekening van de notaris in verband met de woning;
- de brief waaruit de afstemming met de ontvanger blijkt in verband met de mogelijke afwijzing van het verzoek om uitstel van betaling.
.Dat eiseres van mening is dat het indienen van een aangifte geen meerwaarde heeft omdat verweerder al beschikte over de benodigde gegevens, is hierbij niet relevant.
.Deze situatie acht zij vergelijkbaar met de toeslagaffaire. Eiseres stelt verder dat geen sprake is van samenhangende zaken die in hoofdzaak betrekking hebben op hetzelfde onderwerp. Per jaar zijn er verschillende geschilpunten met andere onderbouwingen.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;