ECLI:NL:RBNHO:2020:5445
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslagen specifieke zorgkosten wegens toepassing correctiebeleid en overschrijding redelijke termijn
Eiser heeft beroep ingesteld tegen navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2014 en 2015, waarbij de aftrek voor specifieke zorgkosten door de Belastingdienst werd gecorrigeerd. De rechtbank oordeelt dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt recht te hebben op een hogere aftrek en dat de inspecteur geen ambtelijk verzuim heeft begaan bij het opleggen van de aanslagen.
De rechtbank stelt vast dat het correctiebeleid van de Belastingdienst een drempelbedrag van € 450 hanteert, waaronder navordering niet passend wordt geacht. In deze zaak blijven de navorderingen na bezwaar onder deze grens, waardoor navordering achterwege had moeten blijven. Daarnaast is vastgesteld dat de toepassing van het correctiebeleid niet consistent maar willekeurig was, wat strijd oplevert met het verbod op willekeur.
Verder is de redelijke termijn voor de behandeling van het bezwaar en beroep overschreden met circa 9 maanden, waarvoor een vergoeding van immateriële schade wordt toegekend. De rechtbank veroordeelt de Belastingdienst en de Staat tot betaling van deze vergoeding en de proceskosten van eiser. De navorderingsaanslagen en de daarbij behorende belastingrente worden vernietigd.
Uitkomst: De navorderingsaanslagen en belastingrente over 2014 en 2015 worden vernietigd en een vergoeding voor overschrijding van de redelijke termijn wordt toegekend.