Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep
- de memorie van grieven
- de memorie van antwoord
- de akte uitlaten producties van Dexia.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Deze zaak betreft een hoger beroep van Dexia tegen een vonnis van de kantonrechter, waarin werd geoordeeld dat Dexia onrechtmatig had gehandeld jegens de afnemer door het aangaan van een effectenleaseovereenkomst via een tussenpersoon zonder vereiste vergunning. Het hof bekrachtigt dit vonnis en oordeelt dat Dexia gehouden is de door de afnemer geleden schade te vergoeden.
Centraal staat de vraag of de tussenpersoon vergunningplichtig advies heeft gegeven en of Dexia daarvan op de hoogte was of had moeten zijn. Het hof stelt vast dat de tussenpersoon als effectenbemiddelaar zonder vergunning handelde en dat de advisering als gepersonaliseerd en vergunningplichtig moet worden aangemerkt. Dexia was bekend met de gebruikelijke werkwijze van tussenpersonen die vergunningplichtig adviseerden en had navraag moeten doen naar de aard van de advisering.
Het hof verwierp het verweer van Dexia dat er geen sprake was van advisering en dat zij niet wist van de vergunningplicht. De verjaring van de vordering werd eveneens verworpen. Dexia werd veroordeeld tot betaling van de schadevergoeding van €7.867,77 plus rente en de proceskosten in hoger beroep. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt Dexia tot schadevergoeding en proceskosten wegens onrechtmatig handelen door vergunningplichtige advisering van de tussenpersoon.