Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep
- de memorie van grieven
- de memorie van antwoord
- de akte uitlaten producties van Dexia
- de antwoordakte van de afnemer.
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Deze civiele zaak betreft drie effectenleaseovereenkomsten die via twee tussenpersonen tot stand zijn gekomen. Centraal staat of de tussenpersoon vergunningplichtig advies heeft gegeven zonder vergunning en of Dexia daarvan wist of had moeten weten.
De kantonrechter oordeelde dat Dexia onrechtmatig handelde en de schade van de afnemer volledig moest vergoeden. Dexia stelde in hoger beroep dat geen vergunningplichtig advies was gegeven en dat zij niet wist of behoorde te weten van advisering. Het hof overwoog dat de tussenpersoon als effectenbemiddelaar zonder vergunning optrad en dat de advisering als vergunningplichtig moest worden aangemerkt.
Het hof stelde vast dat Dexia bekend was met de gebruikelijke werkwijze van tussenpersonen die vergunningplichtig adviseerden en dat Dexia had moeten navragen wat de aard van de betrokkenheid van de tussenpersoon was. Dexia had nagelaten dit te doen, waardoor de wetenschap van advisering aan haar werd toegerekend.
Het hof verwierp de grieven van Dexia, bekrachtigde het bestreden vonnis en veroordeelde Dexia tot betaling van proceskosten aan de afnemer. De vergoedingsplicht van Dexia blijft volledig in stand, ook voor rente, aflossing en kosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat Dexia aansprakelijk is voor de schade en veroordeelt Dexia tot betaling van proceskosten.