Conclusie
advocaat: C.S.G. Janssens
1.Inleiding en samenvatting
2.Feiten en procesverloop
3.Juridisch kader
Verzoeken en mededelingen kunnen ook elektronisch worden gedaan, indien van deze mogelijkheid voor het desbetreffende gerecht blijkt uit een voor dat gerecht vastgesteld procesreglement. Een gerecht kan een verzoek of mededeling dat tot een of meer geadresseerden is gericht, elektronisch verzenden indien de geadresseerde kenbaar heeft gemaakt dat hij daarvoor langs deze weg bereikbaar is. De bereikbaarheid langs deze weg geldt voor de duur van een procedure, tenzij de geadresseerde meedeelt dat hij haar wijzigt of intrekt.
De voorgaande zinnen gelden mede voor de indiening van processtukken ter griffie en de verzending van processtukken door de griffier.
de voorziening van de Rechtspraak voor het verzenden en ontvangen van beveiligde e-mail naar en door het hof” met daarbij een hyperlink naar een uitleg op de website van de Rechtspraak (zie art. 1.1.2 onder m). [26] Daar valt het volgende te lezen over Veilig Mailen [27] :
dRv. Indien aan de eisen met betrekking tot inhoud of ondertekening van het verzoekschrift niet of onvoldoende is voldaan, leidt dit niet tot nietigheid. De rechter zal, in overeenstemming met zijn actievere rol in deze procedure, naar bevind van zaken gelegenheid kunnen geven het gebrek te herstellen. Een wettelijke herstelregeling, zoals het wetsvoorstel die kent ten aanzien van exploten in het algemeen en dagvaardingsexploten in het bijzonder, is hier dus niet geboden.”
moetbieden, volgt uit de toelichting zoals hierboven geciteerd dat de rechter dat ook achterwege kan laten, bijvoorbeeld als pas tijdens de mondelinge behandeling wordt geconstateerd dat ten onrechte op papier is geprocedeerd.
Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
dezelfde procesinleidingwaarin de verzuimen hersteld zijn opnieuw in te dienen, is ook te vinden in andere uitspraken van de Hoge Raad. [41] Om te voorkomen dat de herstelmogelijkheid wordt aangegrepen om een langere termijn te krijgen voor het indienen van stukken, zal het bij wege van herstel in te dienen digitale stuk dezelfde inhoud dienen te bevatten als het abusievelijk eerder ingediende stuk op papier, zo schrijft Kingma. [42] Voor de volledigheid voeg ik hier nog aan toe dat het herstel niét binnen de rechtsmiddelentermijn hoeft te gebeuren. Van belang is dat de ‘gebrekkige’ procesinleiding is ingediend binnen de cassatietermijn. [43]
tijdigbij het gerecht is ingediend. Aan rechtsmiddelentermijnen moet immers strikt de hand worden gehouden (zie 3.1 hiervoor) en het verzuim in een beroepschrift de gronden op te nemen waarop het beroep berust, is niet voor herstel vatbaar (zie 3.2 hiervoor).
nadatde geboden herstelmogelijkheid ongebruikt was gelaten, volgde het oordeel niet-ontvankelijk. Ook de recente beschikkingen van de Hoge Raad over ontvankelijkheid in hoger beroep (zie 3.28 e.v.) passen in de lijn dat van beslissend belang is of aan de twee hiervoor genoemde voorwaarden is voldaan. In beide zaken was er namelijk binnen de geldende appeltermijn géén beroepschrift ingediend bij het hof. In de ene zaak, vermoedelijk, omdat vergeten was het beroepschrift bij het V1-formulier te voegen; in de andere zaak omdat het beroepschrift niet kon worden geopend, terwijl niet gebleken was dat sprake was van een technische storing. Kenmerkend voor beide zaken was echter dat in beide gevallen niet binnen de beroepstermijn de gronden voor het beroep aanwezig waren bij een gerecht. Dat leidde tot niet-ontvankelijkheid.
de grondenvan het beroep tijdig moeten zijn ingediend (lees: ontvangen door een gerecht) en, in geval van een elektronische indiening, dat de elektronische indiening moet zijn toegestaan op grond van het procesreglement. Binnen deze voorwaarden kan de rechter gelegenheid geven tot herstel en zal een niet-ontvankelijkheidsoordeel alleen kunnen volgen als de desbetreffende partij geen gehoor heeft gegeven aan het herstel. M.i. valt het indienen van een beroepschrift (dus een beroepschrift inclusief de gronden) per e-mail zonder dat daarbij gebruik is gemaakt van Veilig Mailen binnen deze randvoorwaarden. Een rechter zal dan in beginsel gelegenheid moeten geven tot herstel waarna een niet-ontvankelijkheidsoordeel alleen kan volgen als de geboden gelegenheid onbenut wordt gelaten.
4.Bespreking van het cassatiemiddel
onderdeel 2komen er in de kern op neer dat het hof een verrassingsbeslissing (onderdeel 2.1), dan wel een onbegrijpelijke beslissing (onderdelen 2.2 tot en met 2.4), heeft gegeven.
voor 1 juli 2024 een eenduidige handelwijze ter zake van processtukken die per gewone mail aan de griffie van team familie- en jeugdrecht werden toegezonden ontbrak” kwalificeert als een verrassingsbeslissing, althans dat het hof de feiten heeft aangevuld in strijd met art. 24 Rv. Het hof heeft zijn beslissing gebaseerd op een ambtshalve bijgebracht feit dat partijen niet hebben aangevoerd en waarop zij niet bedacht hoefden te zijn en dat voor partijen en de hogere rechter niet controleerbaar is, waarmee het hof blijk heeft gegeven van een onjuiste rechtsopvatting, aldus het onderdeel.