Conclusie
middelbehelst de klacht dat het hof de afwijzing van het aanhoudingsverzoek ontoereikend heeft gemotiveerd, aangezien het hof heeft verzuimd bij de beoordeling van het verzoek alle daartoe in aanmerking komende belangen af te wegen.
(i) De politierechter in de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, heeft bij vonnis van 1 december 2015 de verdachte veroordeeld ter zake van – kort gezegd – twee gekwalificeerde diefstallen. De verdachte, die ten tijde van de behandeling van de zaak in eerste aanleg was gedetineerd, had een afstandsverklaring ingevuld en zijn raadsvrouw uitdrukkelijk gemachtigd om namens hem het woord ter verdediging te voeren. Het vonnis is op de voet van art. 279 Sv Pro op tegenspraak gewezen.
(ii) Op 1 december 2015 is namens de verdachte hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de politierechter.
(iii) Het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van 27 juli 2016 houdt, voor zover van belang, het volgende in:
(…)