ECLI:NL:CRVB:2021:1128
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herroeping besluit over eigenrisicodragerschap Ziektewet bij reeds bestaande arbeidsongeschiktheid
Appellante, een werkgever en eigenrisicodrager Ziektewet (ZW), betwistte de vaststelling van het UWV dat zij verantwoordelijk is voor de betaling van een ZW-uitkering aan werknemer die zich kort na indiensttreding ziek meldde met psychische klachten.
De rechtbank had het bezwaar van appellante ongegrond verklaard, stellende dat de eerste arbeidsongeschiktheidsdag 28 januari 2016 was en dat de door appellante overgelegde medische rapporten onvoldoende twijfel opriepen over een eerdere ongeschiktheid.
In hoger beroep oordeelt de Raad anders: uit medische verklaringen en huisartsgegevens blijkt dat werknemer al in december 2015, vóór indiensttreding, psychische klachten had die hem ongeschikt maakten voor het werk als dataspecialist. De Raad stelt vast dat de werkgever daarom niet verantwoordelijk kan worden gehouden voor de ZW-uitkering vanaf 2 februari 2016.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en het vonnis van de rechtbank, herroept het UWV-besluit voor zover appellante verantwoordelijk werd gehouden en veroordeelt het UWV in de proceskosten van appellante.
Deze uitspraak verduidelijkt het toetsingskader voor eigenrisicodragerschap bij reeds bestaande arbeidsongeschiktheid bij aanvang van het dienstverband.
Uitkomst: Het besluit dat appellante als eigenrisicodrager verantwoordelijk is voor de ZW-uitkering wordt herroepen omdat werknemer bij aanvang dienstverband reeds ongeschikt was.