Conclusie
1.Het cassatieberoep
2.De ontvankelijkheid van het cassatieberoep
3.Het eerste middel
Algemene bewijsmiddelen
Het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep d.d. 7 maart 2023, voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte;
De afgelegde verklaring van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep d.d. 2 november 2023, voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte;
Het proces-verbaal van de terechtzitting in eerste aanleg d.d. 2, 15 en 30 juni 2020, voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte;
Het proces-verbaal van bevindingen d.d. 6 februari 2017 (pagina’s 90-91), voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant 1] ;
Het proces-verbaal van bevindingen onderzoek melding d.d. 3 februari 2017 (pagina’s 92-94), voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant 1] ;
Het proces-verbaal van bevindingen bevraging KvK [A] d.d. 23 juni 2017 (pagina’s 99-100), voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant 2] ;
Het proces-verbaal van verhoor d.d. 1 maart 2017 (pagina’s 146-150), voor zover inhoudende als verklaring van [betrokkene 6] ;
Het proces-verbaal van bevindingen historische printlijsten d.d. 14 april 2017 (pagina 171-172), voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant 3] ;
Het proces-verbaal [van] bevindingen identificatie en stemvergelijking d.d. 25 oktober 2017 (pagina’s 173-177), voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant 4] ;
Het proces-verbaal van bevindingen betreffende diverse gebruikte namen door [verdachte] d.d. 8 augustus 2018 (pagina’s 502-505), voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant 5] ;
Het proces-verbaal van bevindingen onderzoek beslag B.01.06.014.001 (notulen in de Farsi taal m.b.t. de islam) d.d. 13 juni 2018, met bijlagen (pagina’s 815-849), voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant 6] ;
De volgende in het politiedossier gevoegde verslagen van telefoongesprekken (pagina’s 2097-2106), voor zover inhoudende:
A-G: ik begrijp Facebook) gezet, dit is nu een wet, mensen die zich in Iran afkeren van [de] islam lopen daar gevaar en krijgen hier een asielvergunning. Zij hoeven dus verder niet [te] zeggen dat bijvoorbeeld politie dit weet, of een inval is geweest van [de] inlichtingendienst, dat hoeft niet meer, als deze mensen kunnen bewijzen dat zij afgekeerd zijn van [de] islam is [dat] al voldoende.
Het proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 20 juni 2018 (pagina’s 1051-1061), voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte;
Het proces-verbaal van de terechtzitting in eerste aanleg d.d. 2, 15 en 30 juni 2020, voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte;
het hof begrijpt hier: een homoclub) moest gaan. Naar [betrokkene 3] heb ik gesprekken gestuurd die wij samen hebben gevoerd.
Het proces-verbaal van bevindingen ING bank ten aanzien van [verdachte] d.d. 31 juli 2018 (pagina's 659-673), voor zover inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant 7] en [verbalisant 8] ;
Het proces-verbaal van verhoor verdachte d.d. 20 juni 2018 (pagina’s 1051-1061), voor zover inhoudende als verklaring van de verdachte;
het hof begrijpt hier: [betrokkene 4]) waar wij in het 5de verhoor ook over hebben gesproken?
Het proces-verbaal van bevindingen onderzoek beslag B.01.02.006.002 d.d. 28 maart 2018, met bijlagen (pagina’s 1194-1196), voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant 6] ;
Het proces-verbaal van bevindingen onderzoek beslag B d.d. 28 maart 2018, met bijlagen, (pagina’s 1310-1340), voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant 9] ;
De volgende in het politiedossier gevoegde verslagen van telefoongesprekken (pagina’s 2844-2845), voor zover inhoudende:
Een geschrift als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef en onder 2, van het Wetboek van Strafvordering, te weten het rapport gehoor aanmeldfase Immigratie- en Naturalisatiedienst d.d. 22 juli 2017 (pagina’s 2855-2866), voor zover het asielverhaal van [betrokkene 3] ;
Een geschrift als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef en onder 2, van het Wetboek van Strafvordering, te weten het rapport eerste gehoor Immigratie- en Naturalisatiedienst d.d. 11 december 2017 (pagina’s 2867-2875), voor zover het asielverhaal van [betrokkene 3] ;
Een geschrift als bedoeld in artikel 344, eerste lid, aanhef en onder 2, van het Wetboek van Strafvordering, te weten het rapport nader gehoor Immigratie- en Naturalisatiedienst d.d. 21 maart 2018 (pagina’s 2879-2910), voor zover het asielverhaal van [betrokkene 3] ;
Het proces-verbaal van bevindingen vertaalde stukken [betrokkene 3] d.d. 27 juni 2018 (pagina’s 2926-2927), voor zover inhoudende als relaas van [verbalisant 10] ;
Het proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 3 april 2018 (pagina’s 2932-2940), voor zover inhoudende als verklaring van getuige [betrokkene 3] ;
De volgende in het politiedossier gevoegde verslagen van telefoongesprekken (pagina’s 2945-2951), voor zover inhoudende:
Proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 3 april 2018 (pagina's 2976-2982), voor zover inhoudende als verklaring van getuige [betrokkene 4] ;
Het proces-verbaal van verhoor getuige d.d. 3 april 2018 (pagina’s 2991-2998), voor zover inhoudende als verklaring van getuige [betrokkene 14] ;
Bewijsoverwegingen
continu medewerking verlenen aan de verzoeker en het geven van alle documenten die betrekking hebben op het dossier van het asielverzoek aan het bedrijf: het uitvoeren van suggesties en begeleiding door het bedrijf is een noodzakelijke en belangrijke voorwaarde voor het succes van dit dossier’ en ‘
als de verzoeker onafhankelijk en zonder overleg met ons en buiten de afgesproken kaders tijdens de asielprocedure handelt of iets zegt zonder overleg of vragen naar onze mening in zijn/haar interview wordt dit gezien als het vernietigen van de verplichtingen en het bedrijf heeft het recht om uit zelfbescherming voor de volgende diensten nieuwe kosten in rekening (te) brengen.’
Nee. zij moet eerst wat ik stuur lezen en weten en voorbereid zijn, daarna ga ik haar vragen daarover stellen. Maar zij moet het eerst weten, zij moet haar case weten, het is de tekst van haar interview, dat moet zij lezen en daarna oefen ik met haar.’
4.Het tweede middel
Feit 1: [betrokkene 23] en [betrokkene 24]
het hof begrijpt hier: [betrokkene 23]) en zijn vrouw (
het hof begrijpt hier: [betrokkene 24]). In het dossier zitten tapgesprekken tussen mij en [betrokkene 23] . Het klopt dat ik telefonisch contact heb gehad met [betrokkene 23] .
het hof begrijpt hier: [betrokkene 23]). Ik heb hen voorbereid op hun verhoor.
het hof begrijpt hier: [betrokkene 23]) en zijn vrouw (
het hof begrijpt hier: [betrokkene 24]). En hun twee kinderen.
het hof begrijpt hier steeds: [betrokkene 24]). Dit contract is vertaald, door een Farsi vertaler, welke gebruik maakt van het registratienummer 1258.
Uit winstbejag
strafzaaktegen de verdachte op hun juistheid en houdbaarheid worden onderzocht en niet (ook) die in de
ontnemingszaak.
5.Het derde middel
terwijl het feit wordt begaan in de uitoefening van zijn beroep, meermalen gepleegd” (feiten 1 en 7), “een ander uit winstbejag gelegenheid, middelen of inlichtingen [verschaffen] tot het zich verschaffen van verblijf in Nederland, terwijl hij weet of ernstige redenen heeft te vermoeden dat dat verblijf wederrechtelijk is,
terwijl het feit wordt begaan in de uitoefening van zijn beroep” (feiten 2, 3, 5, 6, 8 en 9) en “een ander behulpzaam zijn bij het zich verschaffen van toegang tot of doorreis door Nederland” en “een ander uit winstbejag gelegenheid, middelen of inlichtingen [verschaffen] tot het zich verschaffen van verblijf in Nederland, terwijl hij weet of ernstige redenen heeft te vermoeden dat dat verblijf wederrechtelijk is,
terwijl het feit wordt begaan in de uitoefening van zijn beroep, meermalen gepleegd” (feit 4; cursivering telkens door mij, A-G).
Art. 197a leden 1 tot en met 3 Sr zoals deze bepalingen luidden van 10 oktober 2010 tot 1 juli 2016: [8]
beroepsmatige dienstverlening in het vreemdelingenrechtelijke domein” onduidelijk en te ruim geformuleerd is, waardoor deze onbegrijpelijk is, faalt mijns inziens. Ik meen dat het (kennelijke) oordeel van het hof dat het beroepsverbod in voldoende verband staat met het beroep waarin de strafbare feiten zijn begaan, niet onbegrijpelijk is. Daarbij neem ik in aanmerking i) dat de verdachte zich in zijn hoedanigheid als juridisch adviseur (een beroepsmatige dienstverlener) op het gebied van het asielrecht (in het vreemdelingenrechtelijke domein) schuldig heeft gemaakt aan mensensmokkel door de betreffende vreemdelingen behulpzaam te zijn bij hun illegale verblijf in Nederland en ii) dat het hof blijkens zijn strafmotivering met het beroepsverbod heeft beoogd te voorkomen dat de verdachte zich gedurende dat verbod (wederom) als beroepsmatige dienstverlener zal inzetten in het vreemdelingenrechtelijke domein.