Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 13 mei 2026
[X] B.V. te [Z] , belanghebbende,
de heffingsambtenaar van de gemeente Zoetermeer, de Heffingsambtenaar,
Procesverloop
Feiten
Oordeel van de Rechtbank
Geschil in hoger beroep en conclusies van partijen
- de Rechtbank belanghebbendes verzoek om uitstel van de mondelinge behandeling ten onrechte heeft afgewezen;
- Belanghebbende recht heeft op een proceskostenvergoeding wegens schending artikel 40, lid 2, Wet WOZ door de Heffingsambtenaar omdat hij niet de volledige onderbouwing van de gehanteerde kapitalisatiefactor heeft verstrekt; en
- de Rechtbank ten onrechte geen vergoeding voor immateriële schade wegens een overschrijding van de redelijke termijn heeft toegekend.
Beoordeling van het geschil
Proceskosten en griffierecht
Beslissing
- vernietigt de uitspraak van de Rechtbank voor zover deze betrekking heeft op de beslissing op het verzoek om vergoeding van immateriële schade en het niet verlenen van uitstel voor de mondelinge behandeling;
- veroordeelt de Heffingsambtenaar tot vergoeding van immateriële schade aan belanghebbende van € 500;
- veroordeelt de Heffingsambtenaar in de proceskosten in beroep en hoger beroep van belanghebbende tot een bedrag van in totaal € 280,20;
- draagt de Heffingsambtenaar op aan belanghebbende het in beroep en hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal € 924 te vergoeden.