ECLI:NL:CRVB:2011:BR7098
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- W.F. Claessens
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Verlaging bijstand wegens weigering arbeidsinschakeling bij Roteb bevestigd
Appellant ontving sinds 1985 bijstand en weigerde driemaal een door het college aangeboden functie bij Roteb, een gesubsidieerde arbeidsinschakelingsvoorziening gericht op het verkrijgen van regulier werk. Het college legde daarom drie verlagingen van de bijstand op, aanvankelijk van 100%, later door de rechtbank verminderd.
De Raad oordeelt dat de functie bij Roteb onmiskenbaar een voorziening gericht op arbeidsinschakeling is zoals bedoeld in de WWB. De verlagingen van 100% waren daarom niet op de juiste grondslag gebaseerd. De Raad vernietigt de eerdere besluiten en stelt de verlagingen vast op 20% van de bijstandsnorm per maand, waarbij de duur van de tweede en derde maatregel wordt verdubbeld wegens recidive.
Appellant voerde onder meer aan dat het traject verkapt en punitief was en dat sprake was van dwangarbeid, maar de Raad verwierp deze bezwaren. De Raad veroordeelt het College tot vergoeding van schade door te late uitbetaling van bijstand en tot vergoeding van proceskosten. De uitspraak vervangt de eerdere besluiten en bevestigt de rechtmatigheid van de aangepaste verlagingen.
Uitkomst: De bijstand van appellant wordt driemaal met 20% verlaagd, met verdubbeling van de duur bij recidive, en het College wordt veroordeeld tot schadevergoeding en proceskosten.