Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
uitspraak van de meervoudige kamer van 6 juli 2017 in de zaak tussen
Calatus B.V. handelend onder de naam Editie Enigma, te Eindhoven, eiseres 1,
de Autoriteit Consument en Markt (ACM), verweerster,
Procesverloop
- overtredingen zijn vastgesteld van artikel 6:193c, eerste lid, onder a en b, Burgerlijk Wetboek (BW), en vastgesteld dat eiseres 1 artikel 6:193c, eerste lid, onder a en b, BW niet heeft overtreden en dat eisers 2, 3 en 4 mitsdien geen feitelijk leiding hebben gegeven hieraan;
- een boete is opgelegd van € 200.000,- aan eiseres 1, en deze boete vastgesteld op € 160.000,-;
- eiser 2 tot een bedrag van € 50.000,- hoofdelijk aansprakelijk is gehouden voor de boete opgelegd aan eiseres 1, en deze hoofdelijke aansprakelijkheid vastgesteld tot een bedrag van € 40.000,-;
- een boete is opgelegd van € 25.000,- aan eiseres 3, en deze boete vastgesteld op € 20.000,-;
- een boete is opgelegd van € 25.000,- aan eiser 4, en deze boete vastgesteld op € 15.000,-.
Overwegingen
In het bestreden besluit overweegt ACM dat niet kan worden gesteld dat het voor consumenten onvoldoende duidelijk was dat zij een halfjaarabonnement afsloten indien zij ingingen op dat aanbod en dat dit oordeel, nu de voornaamste kenmerken zoals hier bedoeld in feite samenvallen met wat als aard van het product is aangemerkt, ook het oordeel over de misleiding ten aanzien van de voornaamste kenmerken raakt. ACM heeft in verband daarmee de aan eisers opgelegde boetes bij het bestreden besluit herroepen en gematigd.
- € 12.000,- voor eiseres 3 (matiging tot € 18.000,- voor herroeping van twee overtredingen en de verlaging voor overschrijding van de redelijke termijn);
- € 8.000,- voor eiser 4 (matiging tot € 13.000,- voor herroeping van twee overtredingen en de verlaging voor overschrijding van de redelijke termijn).
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond voor zover dat is gericht tegen de hoogte van de boetes;
- vernietigt het bestreden besluit voor zover dat ziet op de hoogte van de boetes;
- legt aan eiser 2 een boete op van € 30.000,-, welke boete mede aan eiseres 1 is opgelegd;
- legt aan eiseres 1 een boete van € 135.000,- op, waaronder begrepen de
- legt aan eiseres 3 een boete van € 12.000,- op;
- legt aan eiser 4 een boete van € 8.000,- op;
- bepaalt dat deze uitspraak wat betreft de hoogtes van de boetes in de plaats treedt van het vernietigde deel van het bestreden besluit;
- bepaalt dat ACM aan eisers het betaalde griffierecht van € 334,- vergoedt;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eisers tot een bedrag van € 1.980,-.
mr. J.G.J. Rinkes, leden, in aanwezigheid van mr. M. Traousis - van Wingaarden, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 6 juli 2017.