Conclusie
1.Inleiding
2.De feiten en de prejudiciële vragen
De feiten
3.Schriftelijke opmerkingen
ex tuncis dat een logisch oordeel. Maar niet logisch is dan de daaraan door het Gerecht in die uitspraak verbonden gevolgtrekking dat de Inspecteur daarom kan navorderen. Want onbekendheid van de Inspecteur met een toekomstige wijziging van een materiële belastingverordening zoals de onderhavige kan niet worden aangemerkt als een feitelijke dwaling. Bovendien,
ex tuncbeoordeeld was de aanslag niet te laag vastgesteld. Tot die conclusie is de Inspecteur pas gekomen na kennisneming van een nieuwe, op 1 januari 2019 in werking getreden landsverordening. Naar dat moment beoordeeld (achteraf bezien dus), verkeerde de Inspecteur bij het vaststellen van de aanslag wel in rechtsdwaling. En ter zake van rechtsdwaling kan niet worden nagevorderd.
fair balance. [22] Weliswaar leidt het ontbreken van een
fair balanceniet altijd ertoe dat de desbetreffende regeling in strijd is met art. 1 EP Pro, maar dan gaat het om uitzonderingsgevallen. Van een uitzonderingsgeval is sprake in geval van specifieke en dwingende redenen voor de aantasting van gerechtvaardigde verwachtingen. [23] Het ligt niet voor de hand een bepaling van nationaal recht (in dit geval art. 13, lid 1, van de ALB) op een zodanige wijze uit te leggen dat die bepaling onverenigbaar is met een verdragsbepaling zoals art. 1 EP Pro, indien - zoals hier het geval is - een uitleg in overeenstemming met die verdragsbepaling mogelijk is.
fair balance(nagenoeg) een dode letter. Voor het aannemen van de aanwezigheid van dergelijke redenen is aanzienlijk meer nodig. Vgl. HR 29 januari 2016, BNB 2016/163. In dat arrest merkte de Hoge Raad de “ernstige aard van de begrotingsproblemen, die ertoe noopte om ingrijpende maatregelen te nemen die (...) tot vermindering van het begrotingstekort zouden leiden, en de noodzaak om in verband daarmee te komen tot een eenvoudige, goed uitvoerbare regeling" aan als specifieke en dwingende redenen. Gesteld noch gebleken Is dat in de onderhavige zaak van een vergelijkbare situatie sprake is.
fair balanceop regelniveau moet worden aangelegd, houdt in dat moet worden beoordeeld of sprake is van specifieke en dwingende redenen die het gebrek aan een
fair balancehelen. Zoals in het vorige onderdeel is betoogd, valt niet In te zien waarin die redenen in het onderhavige geval zouden zijn gelegen. Derhalve is art. 13, lid 1, van de ALB zoals door het Gerecht uitgelegd, in strijd met art. 1 EP Pro.
4.Regelgeving, parlementaire geschiedenis, jurisprudentie en literatuur
Regelgeving
‘reforma fiscal’bestaat uit vier fases. De eerste fase betreffen wijzigingen terzake van de Landsverordening grondbelasting (AB 1995 no. 3 GT) (…) die vanaf 1 januari 2019 effect hebben, waarop hieronder zal worden ingegaan.
fair balance. Dat is slechts anders indien er specifieke en dwingende redenen zijn voor de aantasting van gerechtvaardigde verwachtingen: [49]
fair balanceoftewel evenredigheid tussen het algemeen belang en de rechten van het individu. Die evenredigheid ontbreekt als degene op wiens eigendomsrecht wordt ingebroken een excessieve en buitensporige last draagt. Zowel de ontneming als de beperking van eigendom moet dus een gerechtvaardigd doel en geen onevenredige gevolgen voor individuele burgers hebben.
possessionsof
biens(de Franse term), maar ook andere rechten en belangen. Deze variëren van pensioen- en socialeverzekeringsrechten en vorderingen op de fiscus tot bindende rechterlijke uitspraken en executoriale titels. Doorslaggevend is of ze een reële waarde vertegenwoordigen. Dat geldt zelfs voor schulden. Toekomstige opbrengsten vormen echter geen eigendom. Elke maatregel die voor de rechthebbende een inbreuk op het ongestoorde genot van eigendom oplevert, is toetsbaar aan de eigendomsgarantie van artikel 1 Eerste Pro Protocol EVRM. Ook belastingen worden als een zodanige inbreuk beschouwd. Van ontneming is sprake als de eigenaar niet langer in staat is om over zijn eigendom te beschikken, zodat sprake is van een
de factoonteigening. In dat geval kan de excessieve en buitensporige last in beginsel alleen worden weggenomen door een financiële schadeloosstelling die in redelijke verhouding tot de waarde staat. In het publieke belang mag de compensatie soms minder dan de volledige marktwaarde bedragen. Een volledig achterwege laten van compensatie is echter alleen in uitzonderlijke omstandigheden toegestaan. Bij beperking van het eigendomsrecht is financiële compensatie veel minder snel aan de orde. Zo wordt een korting op pensioenrechten in het kader van de verdeling van de economische pijn zonder compenserende maatregel veelal als een gerechtvaardigde beperking van het eigendomsrecht beschouwd.
by lawhet meer strikte wettelijke vereiste ‘bij of krachtens landsverordening’ geldt. Een brede garantie zoals in Aruba en Sint Maarten ontbreekt in de Staatsregeling van Curaçao en in de Grondwet.
5.Beoordeling en beantwoording van de prejudiciële vragen
Inleiding
Waar de belasting in een onveranderlijk deel van de belastbare waarde bestaat, is vaststelling van die waarde tegelijkertijd vaststelling van den aanslag.Voorafgaande opmaking van schattingslijsten en ter visie legging daarvan is daarom onnoodig tijdverlies. Uit de leggers worden telken jare de kohieren opgemaakt en na ontvangst van het aanslagbiljet in het eerste jaar kan ieder tegen zijn aanslag reclameeren (art. 28) en voorts in volgende jaren ten opzichte van elken nieuwen of gewijzigden aanslag (art. 28 jo Pro art. 24).
Bij de grondbelasting kan de heffingsprocedure als volgt worden beschreven, nl. dat de grondbelasting vastgesteld wordt bij wege van aanslag en telkens geschiedt voor een periode van vijf jaar. In afwijking van de regels inzake bezwaar en beroep is in onderdeel G vastgelegd dat slechts in het eerste jaar van het tijdvak binnen een termijn van twee maanden na vaststellen van de aanslag bezwaar tegen de aanslag ingediend kan worden.
ex tunc-toetsing, [83] in essentie te vernemen wat het beoordelingsmoment in de tijd is van de voorwaarde dat te weinig belasting is geheven.
de vraag zal moeten beantwoorden, of de primitieve aanslag, in aanmerking genomen hetgeen na de vaststelling daarvan is gebleken, tot een te laag bedrag werd opgelegd;
fair balance-toets kan doorstaan. [88]
prima facieschending van de
fair balance. Dat is slechts anders indien er specifieke en dwingende redenen zijn voor de aantasting van gerechtvaardigde verwachtingen.
‘reforma fiscal’bestaat uit vier fases. De eerste fase betreffen wijzigingen terzake van de Landsverordening grondbelasting (AB 1995 no. 3 GT) (…) die vanaf 1 januari 2019 effect hebben, waarop hieronder zal worden ingegaan.
‘Reforma Fiscal’) gesproken wordt, terwijl in feite alleen het tarief is verhoogd van 0,4% naar 0,6% en de belastingvrije waarde van Afl. 60.000 is komen te vervallen. Dat lijkt mij te weinig om te kunnen spreken van een echte belastinghervorming. De artikelsgewijze toelichting is daarentegen specifieker. Daarin staat namelijk dat het doel van het laten vervallen van de belastingvrije waarde is gelegen in het bestrijden van ongewenste situaties. Vanwege het vervallen van de belastingvrije waarde worden andere groepen dan belastingplichtigen niet natuurlijke personen, onder welke groep belanghebbende valt, gecompenseerd met een lagere belasting. Over de tariefsverhoging en het daarbij ontbreken van eerbiedigende werking voor de belastingplichtigen die geraakt worden, wordt verder niet gerept.