Op zaterdag 10 januari 2009 kwamen twee kennissen van mij de winkel binnen. Zij heten [betrokkene 3] en [verdachte] (het hof begrijpt [betrokkene 3] en [verdachte] ).
U vraagt hoe de winkel in Laren heet. Deze heet [A] .
Ik heb hen uitgelegd over de financiële situatie die er boven mijn hoofd hangt. De problemen die me te wachten staan in verband met de deurwaarde. [verdachte] vertelde toen dat daar oplossingen voor waren.
[verdachte] zei tegen mij dat ze er bij mij op zou terug komen.
De volgende dag zondag 11 januari 2009 is [verdachte] bij me gekomen. Ik dacht dat ze alleen zou komen maar [betrokkene 3] was er ook weer bij. Bij mij thuis kwam het volgende idee: Het idee was om de winkel, op een maandag, leeg te halen. U vraagt wat ik bedoel met leeg halen. [verdachte] vertelde mij dat de maandag, overdag, mensen naar mijn winkel zouden komen om de kleding te stelen. Ik zou dan getapet worden en ik zou dan aan de verzekering vertellen dat ik bestolen/overvallen was. [verdachte] en [betrokkene 3] zouden de kleding hij [betrokkene 3] thuis opslaan en de kleding vervolgens door verkopen. Ik zou alleen geld krijgen dat de verzekering zou uitkeren. [betrokkene 3] en [verdachte] zouden profiteren van de opbrengst van de kleding.
[verdachte] wilde graag dat het de maandag 12 januari 2009 zou gaan gebeuren. [betrokkene 3] gaf aan dat dit te snel was en dat we het de volgende maandag zouden doen. Dit is dus afgelopen maandag geweest, 19 januari 2009.
U vraagt waarom de maandag. Dit omdat ik op maandag alleen zou staan. Ik ben op maandag ochtend gesloten dus werd het de middag. Het zou later in de middag gebeuren omdat het dan al donker zou zijn.
Ik heb tegen [verdachte] gezegd dat ik niet wilde weten hoe het ging gebeuren en wie het zouden gaan doen. We spraken wel af dat [verdachte] als klant zou komen voordat de kleding zou zijn weggehaald. Hiermee wilden we de illusie wekken dat [verdachte] als klant een aantal dure kledingstukken had gekocht zodat ik kon zeggen dat ook kasgeld was gestolen.
Uiteindelijk is [verdachte] niet gekomen om mij los te maken, althans ik was zo vastgetapet dat ik in paniek raakte en bijna geen adem kreeg, op een gegeven moment kon ik adem krijgen en dus ook roepen en dat heb ik gedaan en hierop kwam mijn bovenbuurvrouw naar beneden en zij maakte mij los en belde de politie.
U vraagt mij wat ik tegen de bovenbuurvrouw vertelde.
Dat ik was overvallen en de hele winkel was leeggehaald.
Ik was in paniek omdat ik dacht dat ik stikte.
Ik wil nog vertellen dat ik van [verdachte] ook de opdracht had gekregen om als de politie kwam ik moest zeggen dat ik door twee Oostblok types was overvallen. Ik moest ook van [verdachte] zeggen dat ik bedreigd was met een pistool.
Op zondag 11 januari is alles dus besproken en het zou gaan gebeuren in de namiddag van maandag 19 januari 2009.
U vraagt mij hoe laat de mannen nu ongeveer in de winkel waren. Dit was omstreeks 16.45 uur. De mannen zouden er eigenlijk om 17.15 uur zijn, dit vertelde [verdachte] toen zij die maandag bij mij in de winkel was. [verdachte] vertelde mij ook dat de bus waar alle kleding in vervoerd zou gaan worden al een week gehuurd was door de mannen.
U vraagt mij te vertellen vanaf het moment dat de mannen mijn winkel binnenkwamen.