ECLI:NL:HR:2012:BV2576
Hoge Raad
- Cassatie
- C.B. Bavinck
- P. Lourens
- A.R. Leemreis
- P.M.F. van Loon
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Gelijkheidsbeginsel bij landbouwvrijstelling en heretikettering van agrarisch vastgoed
Belanghebbende, een agrarisch ondernemer, bracht in 2004 een bouwperceel over van het ondernemingsvermogen naar het privévermogen met het oog op de bouw van een bedrijfswoning. De Inspecteur paste de landbouwvrijstelling niet toe op het verschil tussen de waarde van cultuurgrond en bouwgrond, wat leidde tot een aanslag inkomstenbelasting.
De Rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar het Hof vernietigde de uitspraak van de Rechtbank en de verliesverrekeningsbeschikking, en honoreerde het beroep van belanghebbende op het gelijkheidsbeginsel. Het Hof oordeelde dat het beleid van de Staatssecretaris, dat een beperkte groep belastingplichtigen een gunstiger behandeling bood, berustte op een onjuiste rechtsopvatting en onredelijk traag werd beëindigd.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het Hof dat het gelijkheidsbeginsel van toepassing is en dat belanghebbende gelijk behandeld moet worden als andere agrarische ondernemers die hun woning uiterlijk per 31 december 2005 tot het privévermogen rekenden. Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de Staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Staatssecretaris van Financiën wordt ongegrond verklaard en het beroep op het gelijkheidsbeginsel door belanghebbende wordt bevestigd.