ECLI:NL:GHAMS:2011:BR3020
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.C. Toorman
- W.J. Noordhuizen
- M. Kremer
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake inzagerecht persoonsgegevens en afwijzing verzoek tot verstrekking interne correspondentie
Appellante, werknemer sinds 2001 bij ABN AMRO, verzocht op grond van artikel 35 Wbp Pro inzage in haar persoonsgegevens en aanvullende gegevens, waaronder interne correspondentie tussen afdelingen en met de raad van bestuur.
De rechtbank wees haar verzoek af, mede omdat zij geen reactie gaf op stukken die ABN AMRO had verstrekt. Appellante ging hiertegen in hoger beroep, waarbij het hof oordeelde dat zij ontvankelijk is, ook al werd het beroepschrift door een gemachtigde ingediend.
Het hof overwoog dat het inzagerecht volgens artikel 35 Wbp Pro niet strekt tot interne notities en correspondentie die persoonlijke gedachten van medewerkers bevatten en uitsluitend bedoeld zijn voor intern overleg en beraad. Deze gegevens hoeven niet te worden verstrekt. Het hof vernietigde de beschikking van de rechtbank, wees het verzoek van appellante af en veroordeelde haar in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot verstrekking van interne correspondentie af en veroordeelt appellante in de kosten van het hoger beroep.