ECLI:NL:CRVB:2018:3835
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gemeente mag Wmo-huishoudhulp niet baseren op nieuwe normtijden zonder maatwerk
Betrokkene, met beperkingen door aandoeningen, ontving aanvankelijk 6 uur per week hulp bij het huishouden op grond van de Wmo. Na beleidswijziging in 2016 stelde de gemeente Nijkerk de hulp vast op 4,5 uur per week, gebaseerd op normtijden uit een Indicatieprotocol, dat steunt op een KPMG-onderzoek en een Twente-rapport.
De rechtbank vernietigde dit besluit omdat het KPMG-rapport ondeugdelijk was, onder meer door het gebruik van gemiddelden zonder rekening te houden met individuele omstandigheden zoals woninggrootte en huishouden samenstelling, wat strijdig is met de maatwerkvereisten van de Wmo 2015. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en oordeelt dat het KPMG-onderzoek weliswaar onafhankelijk en deugdelijk is uitgevoerd, maar dat de normtijden niet zonder meer toepasbaar zijn zonder maatwerk.
De Raad benadrukt dat normtijden gebaseerd op gemiddelden een standaardmodule vormen die maatwerkvoorziening moet zijn, afgestemd op individuele behoeften. Het college moet onderzoek doen naar individuele feiten en omstandigheden en afwijken van de norm indien nodig. De normering voor licht huishoudelijk werk in het Indicatieprotocol wijkt bovendien af van het KPMG-onderzoek, waardoor deze niet kan worden beschouwd als berustend op onafhankelijk en deugdelijk onderzoek.
De Raad bevestigt de vernietiging van het besluit en het recht van betrokkene op 6 uur huishoudelijke hulp per week. Tevens veroordeelt de Raad het college in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: Het besluit van de gemeente Nijkerk wordt vernietigd en betrokkene behoudt recht op 6 uur huishoudelijke hulp per week.