ECLI:NL:CRVB:2013:BY8815
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn door het UWV
Appellant heeft sinds 1996 een langdurige procedure gevoerd tegen het UWV inzake de weigering van een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Na diverse besluiten, bezwaren en rechtszaken stelde de Raad in 2008 vast dat de redelijke termijn met tweeënhalf jaar was overschreden.
In hoger beroep betwist appellant dat de termijn pas in 2002 begon en vordert een hogere schadevergoeding. De Raad bevestigt dat de termijn in 2002 is aangevangen en dat de overschrijding voor rekening van het UWV komt, omdat de rechterlijke fase niet langer dan drieënhalf jaar duurde.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en bepaalt dat het UWV €2.500 aan schadevergoeding moet betalen, vermeerderd met wettelijke rente. Tevens worden de proceskosten van appellant vergoed. De uitspraak wordt gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 18 januari 2013.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van €2.500 schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten.