ECLI:NL:PHR:2024:1069
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep inzake beklag tegen beslag op gestolen auto
De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde het klaagschrift van de klager tegen het beslag op een auto ongegrond, omdat de auto gestolen bleek te zijn en de klager nooit eigenaar werd volgens Duits recht, waar de koop plaatsvond.
De klager stelde dat de rechtbank andere belanghebbenden, zoals de aangever en de verzekeringsmaatschappij, niet had gehoord zoals vereist volgens art. 552a lid 5 Sv. De rechtbank had vastgesteld dat de auto was gestolen van een derde en dat de klager de auto te goeder trouw had gekocht.
De conclusie van de procureur-generaal erkent dat andere belanghebbenden niet zijn gehoord, maar oordeelt dat dit verzuim niet tot cassatie kan leiden omdat de klager niet in zijn belangen is geschaad en het klaagschrift ongegrond is verklaard. Het cassatieberoep wordt daarom verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het klaagschrift tegen het beslag op de gestolen auto blijft ongegrond.