ECLI:NL:PHR:2023:1106
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt medeplegen hennepteelt ondanks ontbreken directe uitvoeringshandelingen
De verdachte werd door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf wegens medeplegen van het opzettelijk telen van hennep in een pand aan de [a-straat 1] te Deventer. De veroordeling rustte op een omvangrijke bewijslast, waaronder gesprekken over huurbetalingen, betrokkenheid bij de huur en het beheer van het pand, en een DNA-spoor op een papieren bekertje in het pand.
De verdediging voerde aan dat de bewezenverklaring onvoldoende gemotiveerd was en dat de verdachte niet direct betrokken was bij de teelt. De Hoge Raad overwoog dat medeplegen niet vereist dat de verdachte lijfelijk aanwezig was of uitvoeringshandelingen verrichtte, maar dat sprake moet zijn van een nauwe en bewuste samenwerking gericht op het delict. De bewezenverklaring was voldoende gemotiveerd, mede gelet op de rol van de verdachte als onmisbare schakel en de samenhangende bewijsstukken.
De Hoge Raad bevestigde dat het ter beschikking stellen van een ruimte of het faciliteren van de kwekerij op zichzelf niet voldoende is voor medeplegen, maar dat in deze zaak de verdachte meer dan dat heeft gedaan. Het cassatieberoep werd verworpen en de veroordeling bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor medeplegen van hennepteelt blijft in stand.