Conclusie
trustvertoont en geschikt is voor
estate planning, kan worden aangesproken door de voormalig werkgever van de belanghebbende bij de SPF. Hij is wegens fraude ontslagen door zijn werkgever die op diverse grondslagen, met als kern crediteursbenadeling, ook de SPF aanspreekt waarin tijdens het dienstverband een villa door de belanghebbende is ingebracht. Daarbij gaat het onder meer om de vraag of vereenzelviging van de belanghebbende en de SPF moet worden aangenomen, althans aansprakelijkheid van de laatste wegens misbruik van identiteitsverschil of wegens profiteren van fraude. Ook ongerechtvaardigde verrijking is als grondslag naar voren geschoven. Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba heeft de vorderingen tegen de SPF afgewezen. Daartegen wordt in cassatie opgekomen.
1.Inleiding
2.Feiten
3.Procesverloop
NJ2000/698 m.nt. J.M.M. Maeijer (Rainbow), eerst een algemene overweging aan
misbruik van identiteitsverschil:
beroep op vereenzelvigingwordt derhalve (reeds) afgewezen, omdat de daarbij horende rechtsgevolgen (aansprakelijkheid van Maple Leaf voor de fraudeschade) niet passen bij het verwijt dat Maple Leaf in de kern door Resort of the World wordt gemaakt: het verijdelen van verhaal op de villa en op de bedragen die [betrokkene 1] uit zijn eigen vermogen ten behoeve van de villa heeft betaald. Daarbij past enkel aansprakelijkheid voor de verhaalschade.
misbruik van identiteitsverschilheeft het hof echter verworpen, omdat het hof naar zijn oordeel het hiervoor vereiste oogmerk in casu niet kan aannemen:
ongerechtvaardigde verrijkingals grondslag voor aansprakelijkheid van Maple Leaf jegens Resort of the World:
4.Bespreking van het cassatiemiddel
- vereenzelviging;
- misbruik van identiteitsverschil;
- profiteren van de door [betrokkene 1] gepleegde fraude; en
- ongerechtvaardigde verrijking.
in stand houdenen
inroepenvan de stichtingsconstructie misbruik van identiteitsverschil oplevert. Bovendien komt het onderdeel op tegen de overweging van het hof omtrent de omstandigheid dat [betrokkene 1] de woonlasten uit eigen vermogen heeft voldaan. Daarmee zou het hof voorbij hebben gezien aan de stelling van Resort of the World dat [betrokkene 1] de woonlasten met verduisterde gelden heeft betaald.
estate planning. [6]
trust. Ook een
trustvoorziet immers in (de mogelijkheid van) een afgescheiden familie- of doelvermogen. Toch zijn er niet onbelangrijke verschillen tussen de SPF en de (Nederlands-Antilliaanse)
trustzo bleek bij de behandeling in 2001-2002 in de Staten van de (toenmalige) Nederlandse Antillen van een memorie van toelichting bij een wetsvoorstel tot invoering van een trust. Een
trustheeft – anders dan een SPF – geen rechtspersoonlijkheid. De
trusteeblijft rechthebbende op het vermogen van de
trust. Wel geniet de
beneficiaryvan een
trustbescherming in die zin dat het trustvermogen niet in een faillissement van de
trusteewordt betrokken en dat het trustvermogen geen deel uitmaakt van zijn huwelijksgoederengemeenschap of nalatenschap. [8] Het recht van Curaçao voorziet sinds 2012 in de mogelijkheid van het instellen van een trust. [9] Het recht van Sint Maarten volgde in 2014 (art. 3:126-3:161 BW Sint Maarten). [10] Naast de SPF kent men dus in Sint Maarten de
trust.
Nederlandse inkomstenbelastingis de vraag opgekomen of het in een SPF opgebouwde kapitaal onder de vermogensrendementsheffing (box 3) van de belanghebbende valt. Uit een arrest van de fiscale kamer van Uw Raad blijkt dat die vraag niet in algemene zin bevestigend kan worden beantwoord. [11] Dat zou, zo kan uit dat arrest worden afgeleid, wel het geval zijn wanneer de belanghebbende kan beschikken over het vermogen in de SPF als ware het eigen vermogen en tevens in het geval de belanghebbende een afdwingbaar recht op een uitkering jegens de SPF heeft (in verband met belasting op grond van art. 5.3 lid 2 sub f Wet IB 2001). Uit deze uitspraak van Uw Raad kan worden opgemaakt dat de SPF in fiscale zin als een aparte juridische entiteit (rechtssubject) moet worden aangemerkt. [12]
pauliana-regeling worden gedacht. Zij reikt het middel van vernietiging aan om rechtshandelingen ongedaan te maken die afbreuk doen aan het verhaal van de schuldeiser. In deze zaak is echter geen beroep gedaan op de
pauliana-regeling, zodat zij in cassatie niet voorligt. Resort of the World heeft Maple Leaf op grond van art. 6:162 en Pro 6:212 BW Sint Maarten [19] aansprakelijk gesteld.
pauliana-regeling kan art. 6:162 BW Pro inderdaad een grondslag bieden aan een tegen een ander dan de debiteur gerichte vordering tot vergoeding van schade die ontstaat door het onvoldaan blijven van schulden bij gebrek aan verhaal op of bij de debiteur.
misbruik van identiteitsverschilis sprake als het verhaal van de schuldeiser door de inzet van een rechtspersoon met het oogmerk van crediteursbenadeling illusoir wordt gemaakt. [21] In de literatuur wordt aangenomen dat dit geval zich voordoet als crediteursbenadeling het overwegende (niet noodzakelijk het enige) motief van de inzet van de rechtspersoon is. [22] Het oogmerk van benadeling zal veelal uit de feiten moeten worden afgeleid. [23]
Stichting Waaldijk/mr. Aerts q.q.In die zaak had een zekere [A] de juridische eigendom van een pand ondergebracht in een door hem beheerste stichting, terwijl hij hiervan zelf alle voordelen genoot. Uw Raad sauveerde het oordeelde van het hof dat sprake is van misbruik van identiteitsverschil. [27] In zijn annotatie geeft J.S. Kortmann de crux treffend aan: [28]
eigenvermogen af te zonderen”, waardoor zijn schuldeisers (over het geheel genomen) “nadeel wordt toegebracht”.”
Rainbow-arrest waarin Uw Raad in
rov. 3.5 als volgt overweegt: [29]
Rainbow-arrest niet tot dat geval beperkt is, maar ook aan de orde kan zijn wanneer het gaat om het misbruiken van het identiteitsverschil tussen een natuurlijk persoon enerzijds en een of meer rechtspersonen anderzijds. [30]
Rainbow-arrest, rond misbruik van identiteitsverschil zo uitzonderlijk kunnen zijn dat vereenzelviging – het volledig wegdenken van het identiteitsverschil – de meest aangewezen vorm van redres is, wordt zij niet snel aangenomen. Het wegdenken van identiteitsverschil strekt in de regel te ver wanneer de omvang van de verhaalschade kleiner is dan de omvang van de vordering waarvan men het verhaal juist wilde verijdelen. [31]
Rainbow-arrest aangeduide op misbruik van identiteitsverschil gebaseerde schadevergoedingsvariant (in de literatuur ook wel aangeduid als
indirecte doorbraak [33] ). Daarbij moet wel worden bedacht dat weliswaar wordt aangenomen dat het ongeoorloofde oogmerk van degene die de rechtspersoon of rechtspersonen beheerst rechtens dient te worden aangemerkt als een oogmerk ook van henzelf, [34] maar dat dan nog steeds wel het ongeoorloofde oogmerk van degene die de rechtspersoon of rechtspersonen beheerst zal moeten blijken. Zie hierna 4.48 e.v.
estate planning, gekozen constructie sprake is, komt Maple Leaf zelf in beeld.
Onderdeel IIformuleert nadere klachten op het punt van vereenzelviging en
onderdeel IIIbevat nadere klachten met betrekking tot het oordeel omtrent overig onrechtmatig misbruik van identiteitsverschil. Ik behandel eerst de klachten voor zover zij betrekking hebben op vereenzelviging en daarna de klachten die zien op overig misbruik van identiteitsverschil.
onderdeel 1.1worden 23 stellingen benoemd die in cassatie minst genomen hypothetisch tot uitgangspunt moeten worden genomen. De stellingen zijn:
'om niet'aan Maple Leaf overgedragen;
van [betrokkene 1] ,de airconditioning in het huis
van [betrokkene 1]en de verzekering resp. de maintenance fee voor het huis
van [betrokkene 1] .
onderdelen 1.2-1.4betogen dat de verwerping van het beroep op vereenzelviging in het licht van deze stellingen onjuist of onbegrijpelijk is. Daartoe wordt aangedragen dat deze omstandigheden aantonen dat Maple Leaf geen eigen belang heeft dat valt te onderscheiden van het belang van [betrokkene 1] .
Rainbow-arrest. De onderdelen betogen dat het hof daarmee voorbij zou hebben gezien aan de (vaststaande) omstandigheden dat Maple Leaf geen eigen activiteiten ontwikkelt en dat Maple Leaf geen belangen van derden dient. Volgens de onderdelen zou het verhalen van de fraudeschade op Maple Leaf aldus geen belangen van derden raken. Dat zou een wezenlijk verschil zijn met de feiten in het
Rainbow-arrest. De onderdelen achten in dit licht onjuist of onbegrijpelijk dat vereenzelviging in dit geval een te verstrekkende vorm van redres zou zijn.
Rainbow-arrest vereenzelviging niet afgewezen vanwege belangen van derden die in het geding zouden kunnen zijn, maar vanwege het uit elkaar lopen, of eigenlijk: niet bij elkaar passen, van het verwijt (verijdelen van verhaal) en de omvang van de vergoedingsplicht (toewijzen van de onderliggende vordering in plaats van vergoeding van de schade als gevolg van het verijdelen van verhaal). De in casu gestelde onrechtmatige gedraging van Maple Leaf bestaat uit het verijdelen van verhaal en niet (mede) uit het plegen van fraude. Dit betekent dat Maple Leaf niet voor een hoger bedrag aansprakelijk is dan de schade die het gevolg is van het verijdelen van het verhaal.
onderdelen 1.3-1.5bevatten hiertegen gerichte klachten.
onderdelen 1.5, 3.4 en 3.5aangedragen dat deze omstandigheden aantonen dat [betrokkene 1] Maple Leaf heeft laten oprichten in de wetenschap dat hij een fraudeschadeclaim van Resort of the World kon verwachten en met het doel om de villa zonder tegenprestatie en met behoud van het volle genot en zeggenschap te kunnen onderbrengen. Uit die feitenconstellatie zou volgens Resort of the World volgen dat [betrokkene 1] met de stichtingsconstructie (mede) heeft beoogd de villa af te schermen voor verhaal van fraudeschade door Resort of the World.
indirecte verrijkingwordt gesproken, mogelijk geacht. [42]
Setz/Brunings [43] , onderwerp van debat is (geweest) welke zelfstandige betekenis toekomt aan een vordering uit ongerechtvaardigde verrijking ten opzichte van een onrechtmatige daadsactie: kan een verrijkingsactie bijvoorbeeld alsnog uitkomst bieden wanneer niet met succes op grond van onrechtmatige daad is geageerd? [44] Aangenomen mag worden dat een verrijkingsactie en een onrechtmatige daadsactie, die elkaar naar Nederlands recht niet uitsluiten, in die context in het algemeen tot een zelfde resultaat leiden, zodat de meerwaarde van een ongerechtvaardigde verrijkingsactie beperkt is. Ook in het onderhavige geval leiden zij wat mij betreft tot een zelfde uitkomst.
om niet.
onderdeel IV) is van belang of kennis en wetenschap van de laatste aan Maple Leaf kunnen worden toegerekend. Het hof heeft aangenomen dat dit in casu niet het geval is.
rechtspersoonbewust profiteert van fraude komt het, omdat een rechtspersoon nu eenmaal een constructie is en enkel door middel van natuurlijke personen aan het rechtsverkeer kan deelnemen, aan op de toerekening van kennis van anderen aan de rechtspersoon. [46] Voor de vraag welke kennis van welke personen aan de rechtspersoon kan worden toegerekend, is, net als bij de vraag of een onrechtmatige gedraging van een natuurlijke persoon kan worden aangemerkt als onrechtmatige gedraging van de rechtspersoon, [47] beslissend of deze kennis in het maatschappelijke verkeer heeft te gelden als kennis van de rechtspersoon. [48] In dit verband blijkt in het algemeen niet alleen de positie van de betrokken functionaris een relevant gegeven, maar ook de context van het leerstuk waarbinnen de toerekeningsvraag aan de orde is.
context van het leerstukkan ik hier betrekkelijk kort zijn. Wanneer het leerstuk specifiek strekt ter bescherming van de rechtspersoon, kan terughoudendheid zijn geboden bij de toerekening van kennis van een functionaris aan de betreffende rechtspersoon. [49] Uw Raad oordeelde in die zin over het tot uitzonderingsgevallen beperkte regres op een werkgever op grond van art. 83c van de Ziekenfondswet (oud) [50] en over een daad van bekendheid met een rechterlijke uitspraak in het kader van een betekeningsvraagstuk. [51] Een dergelijke specifieke context is in deze zaak echter niet aan de orde.
positie van de functionariskan in het algemeen het volgende worden opgemerkt. De formele hoedanigheid van de betreffende persoon is niet beslissend voor toerekening van diens kennis. [52] Beslissend is niet zozeer de rol die de functionaris op papier vervult, als wel zijn feitelijke positie en de vraag of de betreffende kennis met die functie in voldoende verband staat. [53] Uw Raad oordeelde in een zaak over verhaal van saneringskosten bijvoorbeeld dat de kennis van met de dagelijkse leiding belaste personen over gevaarlijke stoffen aan de rechtspersoon kan worden toegerekend. [54] Gereserveerder lijkt Uw Raad in een zaak waarin uiteindelijk de vraag centraal stond of de kennis van een zelfstandig adviseur aan zijn opdrachtgever moest worden toegerekend: [55]
NJ2007/231 m.nt. J.B.M. Vranken (Ontvanger/ [B] ).
Ontvanger/ [B]waarin het ging om de vraag of de opdrachtgever aansprakelijk was voor de gedragingen van zijn zelfstandig adviseur in welk verband toerekening van diens kennis aan de opdrachtgever werd bepleit. In dat verband oordeelde Uw Raad terughoudend tegen de achtergrond van het in het aansprakelijkheidsrecht geldende uitgangspunt dat eenieder in beginsel alleen voor zijn eigen daden en nalatigheden aansprakelijk is te houden, behoudens welomschreven, op de wet gebaseerde, uitzonderingen. [57] Er is dan geen sprake van de situatie dat een onrechtmatige gedraging als eigen onrechtmatig handelen aan de rechtspersoon kan worden toegerekend. Ik citeer opnieuw uit het arrest
Ontvanger/ [B]:
NJ1980/34 m.nt. C.J.H. Brunner (Kleuterschool Knabbel en Babbel), TH) is ter beantwoording van de vraag onder welke omstandigheden een onrechtmatig handelen of nalaten als eigen onrechtmatig handelen aan een rechtspersoon kan worden toegerekend, als norm aanvaard of het handelen of nalaten in het maatschappelijk verkeer heeft te gelden als handelen of nalaten van de rechtspersoon zelf. Een dergelijke maatstaf biedt een oplossing voor het probleem dat een juridische constructie als een rechtspersoon slechts door natuurlijke personen aan het maatschappelijk verkeer kan deelnemen. Toerekening van onrechtmatige gedragingen aan de rechtspersoon wordt dan mede gerechtvaardigd doordat de in feite handelende persoon en de rechtspersoon aan wie dat handelen wordt toegerekend, vanuit het perspectief van de benadeelde tot op zekere hoogte met elkaar zijn te vereenzelvigen.”
onderdeel IVterecht is voorgesteld.
Onderdelen 5.1-5.2bevatten geen klacht.
Onderdeel 5.3betoogt dat het oordeel op de in onderdeel IV genoemde gronden niet in stand kan blijven.
Onderdeel Vslaagt dus.