ECLI:NL:HR:2003:AK4847
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- H.A.M. Aaftink
- A. Hammerstein
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid bij afwikkeling verliesgevende vennootschap en rol van ondertekenaar
In deze zaak staat centraal of een ondertekenaar van een regeling tot afwikkeling van de verliesgevende vennootschap Holland Ceramica Import (HCI) in privé of in zijn hoedanigheid als (schijn)vennoot aansprakelijk is jegens twee schuldeisers van de vennootschap.
Eiseressen vorderden betaling van een deel van de schuld van HCI op grond van het feit dat de ondertekenaar op het moment van de afwikkeling nog vennoot was of onvoorwaardelijk had toegezegd te betalen. De rechtbank wees de vordering af wegens onvoldoende bewijs van privéaansprakelijkheid. Het hof vernietigde een tussenvonnis, verwees de zaak terug en oordeelde dat de ondertekenaar waarschijnlijk namens een besloten vennootschap handelde, niet privé.
De Hoge Raad stelt dat het hof onvoldoende gemotiveerd heeft geoordeeld dat de ondertekenaar niet privé gebonden was aan de regeling. Daarom vernietigt de Hoge Raad de eerdere arresten en verwijst de zaak naar het hof Amsterdam voor verdere behandeling. Tevens veroordeelt de Hoge Raad de ondertekenaar in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt eerdere arresten en verwijst de zaak naar het hof Amsterdam voor verdere behandeling.