ECLI:NL:CRVB:2014:39
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen weigering Wajong-uitkering wegens duurzaam verdienvermogen
Betrokkene, geboren in 1973, heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering na beëindiging van zijn dienstverband en ziekte wegens overspannenheid. De aanvraag werd afgewezen omdat hij in het verleden duurzaam meer dan 75% van het minimumloon heeft verdiend.
De rechtbank had het besluit vernietigd vanwege onzorgvuldigheid in het medisch onderzoek, omdat betrokkene alleen door een niet-geregistreerde verzekeringsarts was onderzocht. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat een rapport van een niet-geregistreerde arts mede-ondertekend door een geregistreerde verzekeringsarts, die het dossier volledig heeft beoordeeld, voldoet aan de vereiste zorgvuldigheid.
De Raad stelt vast dat de medische en arbeidskundige rapporten overtuigend zijn en dat betrokkene in staat is met passende functies meer dan 75% van het minimumloon te verdienen. De latere toekenning van een WIA-uitkering wegens volledige arbeidsongeschiktheid is gebaseerd op een actuele beoordeling en verandert niets aan de beoordeling op het moment van zijn 18e verjaardag.
Daarom wordt het hoger beroep ongegrond verklaard en het bestreden besluit bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de Wajong-uitkering bevestigd.