ECLI:NL:RVS:2016:3128
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing weigering verstrekking overzicht persoonsgegevens door Stichting Proo
Appellant verzocht Stichting Proo om een overzicht van de persoonsgegevens die zij van hem heeft vastgelegd. Stichting Proo weigerde dit verzoek bij besluit van 9 september 2014. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze weigering niet-ontvankelijk omdat appellant niet eerst bezwaar had gemaakt. Appellant stelde dat Stichting Proo geen bestuursorgaan is en dat de bezwaarprocedure daarom niet verplicht was.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat Stichting Proo als bevoegd gezag van openbare scholen openbaar gezag uitoefent en daarmee bestuursorgaan is in de zin van de Awb. Het beroep van appellant was daarom terecht niet-ontvankelijk verklaard. Wel stelde de Afdeling vast dat Stichting Proo bij de uitnodiging voor de hoorzitting een te korte termijn heeft gehanteerd, maar dat appellant daardoor niet in zijn belangen is geschaad.
Inhoudelijk oordeelde de Afdeling dat Stichting Proo ten onrechte had gesteld dat de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) niet van toepassing was omdat de gegevens niet geautomatiseerd zouden worden verwerkt. De Afdeling stelde vast dat de digitale opslag van correspondentie een vorm van geautomatiseerde verwerking is, waardoor de Wbp wel van toepassing is. Het besluit van 21 september 2015 dat het verzoek afwees, werd daarom vernietigd en Stichting Proo werd opgedragen een nieuw besluit te nemen.
De Afdeling bepaalde dat tegen het nieuwe besluit alleen beroep kan worden ingesteld bij haarzelf. Er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het besluit van Stichting Proo om geen overzicht van persoonsgegevens te verstrekken wordt vernietigd en terugverwezen voor een nieuw besluit.