Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 16 april 2019 in de zaak tussen
[naam bedrijf] B.V., te [vestigingsplaats] , eiseres
de heffingsambtenaar van de gemeente Boxmeer, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Artikel 220e van de Gemeentewet
“(…) Zoals is uiteengezet in de arresten van de Hoge Raad van 16 september 2016, nr. 15/04476, ECLI:NL:HR:2016:2084, BNB 2017/22, en nr. 15/05193, ECLI:NL:HR:2016:2085, BNB 2017/23, is het geschiktheidscriterium van toepassing bij de - in dit geval aan de orde zijnde - beantwoording van de vraag of een opstal als woning moet worden aangemerkt. Het bestemmingscriterium moet worden gehanteerd bij de - in dit geval niet aan de orde zijnde - aanwijzing van woongedeelten van een opstal die als geheel niet als woning kan worden aangemerkt.”