Uitspraak
uitspraak van de meervoudige belastingkamer van
[belanghebbende] , uit [woonplaats] , belanghebbende
de inspecteur van de belastingdienst, kantoor Zwolle, de inspecteur,
Inleiding
Feiten
Beoordeling door de rechtbank
Hoe moet het door [B.V.] uitgekeerde dividend fiscaal worden gekwalificeerd?
Conclusie en gevolgen
.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vermindert de aanslag IB/PVV 2017 naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 131.833 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen berekend naar een rendementsgrondslag van € 744.534 met inachtneming van het rechtsherstel box 3;
- vermindert de beschikking belastingrente dienovereenkomstig;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats komt van de uitspraak op bezwaar;
- veroordeelt de inspecteur tot het betalen van de door belanghebbende geleden immateriële schade tot een bedrag van € 26,83;
- veroordeelt de Staat tot het betalen van de door belanghebbende geleden immateriële schade tot een bedrag van € 21,95;
- veroordeelt de inspecteur tot het betalen van een proceskostenvergoeding aan belanghebbende tot een bedrag van € 171,61, vermindert met het bedrag dat de inspecteur in de bezwaarfase aan proceskosten heeft toegekend aan belanghebbende;
- veroordeelt de Staat tot het betalen van een proceskostenvergoeding aan belanghebbende tot een bedrag van € 4;
- draagt de inspecteur op het door belanghebbende betaalde griffierecht aan belanghebbende te vergoeden, ten bedrage van € 50.