Conclusie
1.Inleiding
2.Feiten en procesverloop
3.Bespreking van het cassatiemiddel
het consortium en de gemeentede werkzaamheden zelf uitvoeren of die laten uitvoeren door concernonderdelen of door onderaannemers en opdrachtnemers. Het hof zegt dus niet dat
de gemeentede werkzaamheden zelf uitvoerde of heeft laten uitvoeren, ook al kan zijn overweging wellicht wel zo worden gelezen. Het hof heeft het echter klaarblijkelijk over de gemeente en het consortium tezamen en aldus gelezen is zijn overweging juist. Hetzelfde geldt als de zin wel uitsluitend wordt betrokken op de gemeente en het ‘laten uitvoeren’ wordt gelezen als ‘via het consortium laten uitvoeren’.
geen opdrachtgever of uitvoerder is (geweest) van de infrastructurele werken die de gestelde schade zouden hebben veroorzaakt”. Het daarmee gestelde feit heeft het hof echter als gezegd niet miskend. Bovendien laat deze stelling de aansprakelijkheid van de gemeente in haar beide hoedanigheden onverlet, zoals hiervoor in 3.11 tweede alinea al opgemerkt. Een en ander laat immers onverlet dat de uitvoering van de werken overeenkomstig haar bedoeling was en – klaarblijkelijk (iets anders heeft zijn niet aangevoerd) – haar instemming had, en zij dus (mede) kan gelden als degene die de werkzaamheden liet uitvoeren, zoals het hof bij zijn oordeel tot uitgangspunt heeft genomen.
subonderdeel 2.8.2komt op tegen het oordeel van het hof over het deskundigenrapport van Antea. Het subonderdeel is gericht tegen rov. 20.34, die als volgt luidt: