De klagers, verdachten in een strafzaak over grootschalige drugshandel en witwassen, dienden een klaagschrift in tegen het voortduren van beslag op diverse luxe goederen, waaronder horloges, tassen en elektronica. De rechtbank verklaarde het klaagschrift deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond, waarbij het voortduren van het beslag werd gerechtvaardigd door het belang van de strafvordering en de mogelijkheid van verbeurdverklaring.
In cassatie werd het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beslag op Apple Airpods niet ontvankelijk verklaard omdat deze goederen inmiddels waren vernietigd. Het middel tegen de ongegrondverklaring van het beklag slaagde deels omdat het onderzoek feitelijk was afgerond, maar dit leidde niet tot cassatie wegens gebrek aan belang. De Hoge Raad bevestigde dat de rechtbank terecht oordeelde dat het beslag kon voortduren vanwege het niet hoogst onwaarschijnlijk zijn dat de strafrechter verbeurdverklaring zal bevelen.
De conclusie van de procureur-generaal benadrukt dat de beperkte motivering van de rechtbank toereikend is gezien het summiere karakter van het onderzoek in raadkamer en het ontbreken van tegenargumenten van de klagers omtrent de verdenkingen. De Hoge Raad vond geen aanleiding tot vernietiging en wees het cassatieberoep af.