Conclusie
1.Feiten en procesverloop
de procesinleiding), [2] heeft [verzoekster] (hierna:
[verzoekster]) zonder tussenkomst van een advocaat of andere gemachtigde cassatieberoep ingesteld tegen de beschikking van 18 januari 2022 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (hierna:
de bestreden beschikking). [3]
de dochter). [4] Bij beschikking van 12 juni 2017 van de kantonrechter is een mentorschap ten behoeve van de dochter ingesteld, alsmede een bewind ingesteld over alle tegenwoordige en toekomstige goederen die de dochter (zullen) toebehoren. Daarbij heeft de kantonrechter [de bewindvoerder] B.V. (hierna:
[de bewindvoerder]) tot bewindvoerder en mentor benoemd. [5] In november 2020 heeft [verzoekster] verzocht [de bewindvoerder] ontslag te verlenen als mentor en [betrokkene 1] tot mentor te benoemen. Subsidiair heeft [verzoekster] verzocht [betrokkene 1] als tweede mentor te benoemen. Bij beschikking van 1 april 2021 heeft de kantonrechter het primaire en subsidiaire verzoek van de moeder afgewezen. [6] In de bestreden beschikking heeft het hof de beschikking van de kantonrechter bekrachtigd.
VN-gehandicaptenverdrag). [7]
2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het cassatieberoep
het EHRM) dat in het nationale recht aan rechtzoekenden de eis wordt gesteld dat zij zich in cassatie laten bijstaan door een daartoe gekwalificeerde cassatieadvocaat;