Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
eerste middelklaagt dat het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van 17 maart 2015 niet overeenkomstig artikel 327 Sv Pro is vastgesteld en ondertekend. Daartoe wordt aangevoerd dat de genoemde bepaling enkel toestaat dat het proces-verbaal zonder de medewerking van de griffier wordt vastgesteld en ondertekend in geval deze “buiten staat” is. In het onderhavige geval is echter het proces-verbaal (ook) niet vastgesteld of ondertekend door de raadsheren die over de zaak hebben geoordeeld, hetgeen nietigheid met zich zou meebrengen.
tweede middelklaagt dat het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 17 maart 2015 aan nietigheid leidt, doordat dit niet in het openbaar heeft plaatsgevonden. Zoals reeds opgemerkt, betreft dit het proces-verbaal waarvan de steller van het middel in het kader van het eerste middel heeft aangevoerd dat dit rechtskracht zou missen.