Conclusie
1.1. De feiten en het procesverloop
extrazorgplicht rustte vanwege de gestelde verstandelijke beperking van deze werknemer omdat, zelfs indien zou komen vast te staan dat over extra begeleiding en het voorkomen van werkdruk afspraken zijn gemaakt, zoals de werknemer had gesteld [4] en Avis had betwist [5] , nakoming door Avis van die afspraken het ongeval niet zou hebben kunnen voorkomen [6] .
2.Bespreking van het cassatiemiddel
middelonderdelen 1.a en 1.bin dat het hof heeft miskend dat bij een eenvoudige handeling als het stofzuigen van een bestelbus, welke handeling niet kan worden aangemerkt als een risicovolle bezigheid en waaraan geen bijzonder gevaar is verbonden, artikel 7:658 BW Pro de werkgever niet verplicht tot het geven van instructies, noch tot het treffen van andere veiligheidsmaatregelen ter voorkoming van het struikelen over de stofzuigerslang. Indien het hof (stilzwijgend) ervan is uitgegaan dat aan het stofzuigen wél een relevant gevaar was verbonden, is dat oordeel zonder een nadere toelichting onbegrijpelijk.
Onderdeel 1.dricht zich in het bijzonder tegen de overweging over aandacht die tijdens de stageperiode is gevraagd voor de persoonlijkheid van deze werknemer, voor het geval dat deze omstandigheid heeft bijgedragen tot het oordeel dat Avis gehouden was tot het nemen van veiligheidsmaatregelen.