ECLI:NL:HR:2009:BI8493
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- C.A. Streefkerk
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot zekerheidstelling en benadeling van schuldeisers bij aanvullende kredietverlening
Deze zaak betreft een cassatieberoep van ABN AMRO Bank tegen een arrest van het gerechtshof Leeuwarden, dat de nietigheid van een hypotheekverlening als zekerheid voor aanvullende kredietverlening aan een onderneming in financiële problemen bevestigde. De Hoge Raad verwijst naar eerdere arresten en bevestigt dat een bank die krediet verleent aan een onderneming in betalingsproblemen een onderzoeksplicht heeft om te beoordelen of faillissement en benadeling van schuldeisers met redelijke waarschijnlijkheid te voorzien zijn.
De Hoge Raad verduidelijkt dat benadeling van schuldeisers ook kan optreden indien de extra kredietruimte uitsluitend wordt gebruikt voor betalingen aan preferente schuldeisers, omdat dit het verhaalsrecht van andere schuldeisers kan schaden. De maatstaf 'weten of behoren te weten' zoals bedoeld in art. 42 Faillissementswet Pro houdt in dat zowel schuldenaar als bank het faillissement en het tekort redelijkerwijs moesten kunnen voorzien.
De Hoge Raad wijst klachten van de bank af, onder meer over de onderzoeksplicht en het bewijsaanbod, en bevestigt het oordeel van het hof dat het wettelijke vermoeden van wetenschap van benadeling niet is weerlegd. De bank wordt veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de nietigheid van de hypotheekverlening wegens benadeling van schuldeisers.