ECLI:NL:GHSHE:2022:565
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Weigering gemachtigde wegens structureel onbetamelijk taalgebruik in bestuursrechtelijke procedure
In deze bestuursrechtelijke zaak betreffende de heffing van BPM heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch de gemachtigde van belanghebbende geweigerd om op te treden vanwege structureel onbetamelijk taalgebruik in processtukken.
De gemachtigde had herhaaldelijk grievende en beledigende opmerkingen geuit aan het adres van rechterlijke ambtenaren en colleges, ondanks eerdere waarschuwingen en verzoeken tot aanpassing. Het hof oordeelde dat dit taalgebruik de goede procesorde ernstig verstoort en ook de belangen van de wederpartij schaadt.
Het hof baseerde zijn beslissing op artikel 8:25 Awb Pro en verwierp het verweer dat de weigering in strijd zou zijn met het recht op toegang tot de rechter. De procedure wordt voortgezet met een andere gemachtigde, aangezien de weigering alleen de betreffende gemachtigde treft. De beslissing is in een tussenuitspraak uitgesproken en schriftelijk aan partijen en gemachtigde verzonden.
Uitkomst: Het hof weigert de gemachtigde wegens structureel onbetamelijk taalgebruik in de procedure.