ECLI:NL:GHSHE:2020:2692
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Weigering gemachtigde wegens structureel onbetamelijk taalgebruik in bestuursrechtelijke procedures
In deze bestuursrechtelijke zaken betreffende belastingrecht heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch besloten gemachtigde en diens vennootschappen te weigeren als vertegenwoordiger van belanghebbende. Dit besluit volgt op herhaaldelijk grievend en beledigend taalgebruik in processtukken, ondanks eerdere waarschuwingen en mogelijkheden tot herstel.
Het hof oordeelt dat het taalgebruik van gemachtigde structureel in strijd is met maatschappelijk betamelijke omgangsvormen en de goede procesorde ernstig verstoort. Dit leidt tot ernstige bezwaren als bedoeld in artikel 8:25 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De weigering geldt ook voor de vennootschappen waarvoor gemachtigde optreedt.
Het hof wijst het verweer dat de weigering in strijd zou zijn met artikel 47 van Pro het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie af. De toegang tot de rechter wordt niet ontzegd, slechts de vertegenwoordiging door deze gemachtigde. Belanghebbende krijgt de gelegenheid een andere gemachtigde aan te wijzen voor de verdere procedure.
Uitkomst: Het hof weigert gemachtigde en diens vennootschappen als vertegenwoordiger wegens structureel onbetamelijk taalgebruik en biedt belanghebbende gelegenheid een andere gemachtigde aan te wijzen.