Uitspraak
Ontvankelijkheid van het hoger beroep
Onderzoek van de zaak
19 november 2012, 13 september 2013, 30 januari 2014, 25 maart 2014, 22 mei 2014, 1 juli 2014, 16 september 2014, 17 november 2014, 24 november 2014, 16 februari 2015, en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, Sv, het onderzoek op de terechtzittingen in eerste aanleg.
Tenlastelegging
Vonnis waarvan beroep
Bespreking van de formele verweren
Vrijspraken
Bespreking van de ten laste gelegde feiten
Als je het op de keper beschouwt heb ik niet veel aan de zin in de notitie beginnend met: het onderhandelingsresultaat kan als zeer aanvaardbaar worden bestempeld. Die zin heeft volgens mij maar één doel, namelijk de zaak anders voor te stellen dan zij feitelijk was en ook bij [verdachte] bekend was.”
er later over heeft gemaakt wordt echter duidelijk dat [verdachte] er een behoorlijke invloed op heeft gehad. (…) Ik heb niet de indruk gehad op basis van de notitie van [getuige 5] dat deze was ingekleurd door [verdachte]. Deze notitie is mij destijds gepresenteerd als een notitie van [getuige 5]. (…) Het was mij niet bekend dat haar naam aan een notitie was gekoppeld die haar mening niet goed weergaf en waarvan zij de inhoud zelfs niet ondersteunde. In die zin kan je het opnemen ervan als bijlage bij de notitie waar wij het nu over hebben, als een vorm van misleiding beschouwen. (…) Als ik de redenering had gevolgd die ik heb gevolgd maar als input de mening van Esther had meegenomen in plaats van de mening zoals deze in de notitie terecht is gekomen, had ik wel moeten concluderen dat er een zeer mager verkoopresultaat zou worden gerealiseerd, in plaats van zoals ik feitelijk aannam, een heel redelijk verkoopresultaat en zou ik [verdachte]’s bewering dat een zeer aanvaardbaar resultaat was gerealiseerd bestreden(hof: hebben)
. Het ligt niet voor de hand dat ik onder die omstandigheden akkoord was gegaan. Als [verdachte] bij mij was gekomen met een stuk papier en had gezegd dat [getuige 5] daarop had opgeschreven wat hij haar had gevraagd op te schrijven, maar dat zij het er zelf niet mee eens was, had ik zeer zeker geen akkoord gegeven. Door mij willens en wetens onjuiste informatie te verschaffen, terwijl ik daar geen weet van had, werd ik misleid(…)
.”Voorts verklaart hij bij de FIOD op 8 juli 2008 (G53-07, pag. 27):
- Segment 2 Buitenveldert kantoren: niet verkocht tegen marktconforme prijzen
- Segment 3: Telespy: acceptabel
- Segment 4: Unisys: marktconform
- Segment 5: Nachtwachtlaan: marktconform
- Segment 6: Kanaalcentrum: niet marktconform
dat het onderhandelingsresultaat als zeer aanvaardbaar kan worden bestempeld”eigenlijk doelt op een uitsluitend voor hem zelf zeer aanvaardbaar resultaat, zonder dat dit kenbaar is voor zijn mededirecteur c.q. zijn werkgever.
“Dat is duidelijk. Dus die gaat gewoon … eigenlijk gaat het gewoon om tien en een half plus uh, zeven vijftiende van vier, en daar gaat gewoon van af die vier die is al verrekend, hè?”
“om aan tafel te komen bij PPF”een bedrag van om en nabij de
Wat een vloedgolf aan geld verdwijnt er in de zakken van diverse personen.”
- [rechtspersoon 4] draagt de verdere werkzaamheden en activiteiten inzake de verhuur en coördinatie geheel over aan Bouwfonds Ontwikkeling;
- de vergoeding van 25% van de projectwinst van Bouwfonds Ontwikkeling aan Universum Vastgoed vervalt in zijn geheel;
- Bouwfonds is een aanbreng- en verkoopcourtage verschuldigd aan [rechtspersoon 4] voor de door haar verrichte bemiddeling en activiteiten op het gebied van de ontwikkelingsovereenkomst en verhuur ter hoogte van € 2.000.000,- , exclusief BTW (…)
- Na betaling van de voornoemde courtage hebben partijen geen verplichtingen jegens elkaar en verlenen elkaar ter zake over en weer finale kwijting.
Bewezenverklaring
Strafbaarheid van het bewezen verklaarde
Strafbaarheid van de verdachte
Oplegging van straf
”en neemt hij - naar het oordeel van het hof - gelet op zijn houding en antwoorden ter terechtzitting geen enkele verantwoordelijkheid voor zijn gedrag.
5(
vijf) jarenpassend en geboden.
Vordering opheffing schorsing voorlopige hechtenis
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
5 (vijf) jaren.
mr. R. Cozijnsen en mr. M.E. Olthof, griffiers, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 27 februari 2015.