ECLI:NL:GHAMS:2018:735
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schorsing voorlopige hechtenis wegens recidive en vluchtgevaar
Het Gerechtshof Amsterdam behandelde het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte, die was veroordeeld tot 65 maanden gevangenisstraf voor medeplegen van grootschalige invoer van verdovende middelen, medeplegen van witwassen en deelname aan een criminele organisatie.
De raadsvrouw van de verdachte voerde aan dat de enkele veroordeling onvoldoende is voor opheffing van de voorlopige hechtenis en verzocht tevens om schorsing op medische gronden. De advocaat-generaal verzette zich niet tegen schorsing.
Het hof oordeelde dat gezien de ernst van de feiten en het feit dat de verdachte zich in het buitenland bevindt, sprake is van recidivegrond en vluchtgevaar. De verdachte had zich tweemaal niet aan voorwaarden gehouden, waardoor zijn persoonlijke belangen niet zwaarder wegen dan de strafvorderlijke belangen.
Daarom wees het hof het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis af.
Uitkomst: Verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis van verdachte wordt afgewezen wegens recidive en vluchtgevaar.