ECLI:NL:CRVB:2025:760
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W.F. Claessens
- J.T.H. Zimmerman
- D.H. Harbers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet gemelde online gokinkomsten
Appellant ontving bijstand sinds oktober 2020. Naar aanleiding van een onderzoek naar mogelijke onrechtmatigheid, waarbij onder meer bankafschriften werden onderzocht, kwam het college tot de conclusie dat appellant online gokte en de daarmee behaalde winsten niet had gemeld. Het college trok de bijstand over meerdere maanden in en herzag de bijstand over juli 2022 vanwege een storting van €115,- die als inkomen uit gokken werd aangemerkt.
Appellant voerde bewijsnood aan omdat hij geen toegang meer zou hebben tot zijn online gokaccounts, en stelde dat de Raad een vooronderstelling over gokinkomsten in gokinstellingen ook op zijn situatie moest toepassen. De Raad oordeelde echter dat bij online gokken een verifieerbare administratie mogelijk is en appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij geen toegang tot zijn accounts kon krijgen.
De Raad bevestigde dat de storting van €115,- geen gift was maar inkomen uit gokken, vergelijkbaar met arbeidsinkomen, en dat het college terecht het bedrag op de bijstand in mindering had gebracht. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard, de intrekking, herziening en terugvordering bleven in stand en appellant kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking, herziening en terugvordering van de bijstand blijven in stand.