ECLI:NL:CRVB:2020:887
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van procesbelang bij Wmo-maatwerkvoorzieningen
Appellante maakte bezwaar tegen besluiten van het college van burgemeester en wethouders van Wijchen over de verstrekking van maatwerkvoorzieningen hulp bij het huishouden en specialistische begeleiding op grond van de Wmo 2015.
De rechtbank Gelderland verklaarde het beroep tegen het besluit over de hulp bij het huishouden niet-ontvankelijk en het beroep tegen het besluit over het bezwaar ongegrond, omdat appellante geen belang meer had bij een inhoudelijke beoordeling van de besluiten gezien het onherroepelijke latere besluit en het ontbreken van schade.
In hoger beroep stelde appellante dat zij geen eerlijk proces had gehad en wel belang had bij een inhoudelijke beoordeling en schadevergoeding. De Raad oordeelde dat appellante voldoende tijd had gehad voor rechtsbijstand en dat het verzoek om aanhouding niet werd toegewezen. Verder stelde de Raad vast dat appellante geen belang had bij beoordeling van besluiten over verstreken periodes, mede omdat partijen overeenstemming hadden bereikt over toekomstige voorzieningen.
Daarom verklaarde de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.