ECLI:NL:CRVB:2016:13
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- J.F. Bandringa
- W.F. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boetebesluit en terugvordering bijstand wegens niet opgegeven inkomsten krantenwijk
Appellant ontving bijstand en had inkomsten uit een krantenwijk die hij niet tijdig aan het college had gemeld. Na onderzoek stelde het college de bijstand met terugwerkende kracht bij en legde een boete op wegens schending van de inlichtingenverplichting.
De rechtbank vernietigde de oorspronkelijke boete van €1.850,65 en stelde deze vast op €930. Appellant ging in hoger beroep tegen de bevestiging van de herziening en de boete, en verzocht om schadevergoeding.
De Raad concludeerde dat appellant de inkomsten niet tijdig en volledig had opgegeven, dat geen sprake was van dringende redenen om terugvordering te matigen, en dat de boete proportioneel was vastgesteld op 50% van het benadelingsbedrag. Het hoger beroep werd verworpen en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: De boete van €930 wordt bevestigd en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.