ECLI:NL:CRVB:2012:BW8262
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering nabestaandenuitkering wegens ontbreken verplichte verzekering
Appellante, woonachtig in Turkije, verzocht om een nabestaandenuitkering na het overlijden van haar echtgenoot in 2001. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) weigerde deze uitkering omdat de echtgenoot op het moment van overlijden niet verzekerd was volgens de Algemene nabestaandenwet (ANW) noch volgens de Turkse wettelijke regeling.
De rechtbank oordeelde dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die aanleiding gaven om het eerdere besluit te herzien. Tevens stelde de rechtbank vast dat de echtgenoot vanaf 1 januari 2000 niet langer verplicht verzekerd was ingevolge de volksverzekeringen, omdat artikel 26 van Pro het Besluit uitbreiding en beperking kring volksverzekeringen 1999 was vervallen. Omdat hij zich niet vrijwillig verzekerde en ook niet verzekerd was onder de Turkse regeling, was het verzoek van appellante terecht afgewezen.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef deze beoordeling en wees erop dat het recht op medische zorg in Turkije op grond van het bilaterale verdrag niet impliceert dat de echtgenoot verzekerd was volgens de Nederlandse volksverzekeringen. Het hoger beroep van appellante werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering tot toekenning van de nabestaandenuitkering bevestigd.