ECLI:NL:CRVB:2017:3882
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting AOW-pensioen wegens niet-verzekerd zijn in periode 1960-1961
Appellant, geboren in 1943 op Curaçao, kwam in 1956 naar Nederland voor middelbaar onderwijs en verbleef bij een gastgezin. Hij diende in 2008 een aanvraag in voor AOW-pensioen, waarbij een korting van 2% werd toegepast voor de periode 1 juni 1960 tot en met 1 juni 1961, omdat hij toen niet verzekerd zou zijn geweest.
De Sociale Verzekeringsbank (Svb) stelde dat appellant in die periode niet als ingezetene van Nederland kon worden beschouwd, mede omdat hij niet in het bevolkingsregister stond ingeschreven en hij tijdens die tijd terug was op Curaçao. Appellant voerde aan dat hij slechts negen maanden weg was en dat de verzekering van zijn vader ook meespeelde, maar kon dit niet met bewijs onderbouwen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad oordeelde dat er geen nieuwe feiten waren die het eerdere besluit konden wijzigen en dat appellant geen duurzame persoonlijke band met Nederland had in de betwiste periode. De korting van 2% op het pensioen en de inkomensondersteuning is derhalve terecht toegepast.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant niet verzekerd was in de periode 1 juni 1960 tot 1 juni 1961, waardoor de korting van 2% op het AOW-pensioen terecht is toegepast.