ECLI:NL:CBB:2019:5
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- E.R. Eggeraat
- I.M. Ludwig
- T.L. Fernig-Rocour
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit fosfaatrechten wegens onevenredige last en schending eigendomsrecht
Appellant, een melkveehouder die na het overlijden van zijn echtgenote de varkenstak beëindigde en de melkveetak uitbreidde, kreeg een fosfaatrecht toegekend dat lager was dan zijn beoogde productie. Hij stelde dat het fosfaatrechtenstelsel een disproportionele financiële last opleverde en in strijd was met zijn eigendomsrecht onder artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM.
Verweerder wees dit af en stelde dat appellant geen bijzondere omstandigheden had en dat het ondernemersrisico voorzienbaar was. Het College oordeelde dat appellant door bijzondere persoonlijke en bedrijfseconomische omstandigheden werd geconfronteerd met een onevenredige last. Het ontbreken van een voorziening voor omzetting van varkensrechten in fosfaatrechten en de beperkte uitbreiding versterkten dit oordeel.
Het College vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder binnen zes weken een nieuw besluit moet nemen waarin appellant tot op zekere hoogte tegemoet wordt gekomen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens strijd met artikel 1 van het EP en verweerder moet een nieuw besluit nemen waarin appellant gedeeltelijk wordt tegemoetgekomen.