ECLI:NL:RVS:2020:1182
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving geluidsnormen bij partysalon te Eindhoven
Het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven legde een last onder dwangsom op aan een exploitant van een partysalon vanwege overschrijding van het maximaal toegestane geluidsniveau volgens het Activiteitenbesluit milieubeheer. Na bezwaar en beroep verklaarden de rechtbank en later de Raad van State het handhavend optreden terecht, mede gebaseerd op geluidsmetingen van de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant.
De exploitant voerde aan dat de klachten racistisch gemotiveerd waren en dat de geluidsmetingen onzorgvuldig waren uitgevoerd, onder meer door weersomstandigheden en mogelijke verstoring door andere horecagelegenheden. De Raad van State oordeelde echter dat het college op het deskundige advies mocht vertrouwen, dat de meetrapporten betrouwbaar waren en dat de exploitant geen concrete aanwijzingen voor onzorgvuldigheid had gegeven.
Daarnaast stelde de exploitant dat de last onder dwangsom na een jaar zonder verbeuren opgeheven kon worden, maar dit betoog werd verworpen omdat het verzoek tot opheffing niet in deze procedure aan de orde kon komen.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarmee het handhavend optreden van het college werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de handhaving door het college is bevestigd.