ECLI:NL:RBDHA:2022:5163
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing omgevingsvergunning wegens ernstig gevaar op misbruik op grond van Bibob-advies
Eiseres vroeg een omgevingsvergunning aan voor het verbouwen van een monumentaal pand. Verweerder vroeg het Landelijk Bureau Bibob om advies, dat concludeerde dat er ernstig gevaar bestaat dat de vergunning mede zal worden gebruikt om voordelen uit strafbare feiten te benutten en om strafbare feiten te plegen. Verweerder wees de vergunningaanvraag af en handhaafde dit besluit na bezwaar.
Eiseres voerde aan dat het besluit onzorgvuldig was, dat verweerder niet aan zijn vergewisplicht had voldaan, dat er geen relatie was tussen haar en de strafbare feiten van haar broer, en dat zij zich op het vertrouwensbeginsel beriep. De rechtbank oordeelde dat eiseres in de bezwaarfase voldoende gelegenheid had gehad haar zienswijze te geven, dat het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde wegens gebrek aan een toezegging, en dat verweerder terecht op het Bibob-advies mocht vertrouwen.
De rechtbank stelde vast dat er een zakelijk samenwerkingsverband bestaat tussen eiseres en haar broer, die strafbare feiten heeft gepleegd waaronder gewoontewitwassen en overtredingen van de Opiumwet. De rechtbank vond het ernstig gevaar aannemelijk dat de vergunning mede zal worden gebruikt om voordelen uit deze strafbare feiten te benutten en om strafbare feiten te plegen. De sluitingen van een pand op grond van de Opiumwet konden hieraan geen afbreuk doen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de afwijzing van de omgevingsvergunning. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard vanwege ernstig gevaar op misbruik volgens het Bibob-advies.