ECLI:NL:RVS:2014:4665
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Vaststelling proceskostenvergoeding na bezwaar en hoger beroep tegen afwijzing openbaarmaking documenten
Bij besluit van 8 maart 2013 wees het college van burgemeester en wethouders van Ermelo het verzoek van appellant om openbaarmaking van documenten af. Na bezwaar en beroep stelde de rechtbank Gelderland een proceskostenvergoeding vast, maar zowel appellant als het college gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het hoger beroep en oordeelde dat de rechtbank ten onrechte was uitgegaan van een te lage puntwaarde voor de proceskostenvergoeding in bezwaar. Tevens werd bevestigd dat de gemachtigde van appellant rechtsbijstand mocht verlenen en dat het telefonisch horen gelijkgesteld kon worden aan het verschijnen bij een hoorzitting.
De Afdeling vernietigde het deel van de uitspraak waarin de proceskostenvergoeding was vastgesteld op € 944,00 en stelde deze vast op € 974,00. Daarnaast veroordeelde zij het college tot vergoeding van proceskosten in hoger beroep en tot vergoeding van het betaalde griffierecht door appellant. Het hoger beroep van het college werd ongegrond verklaard, dat van appellant gegrond.
De uitspraak bevat een uitgebreide motivering over de ontvankelijkheid, de geldigheid van de machtiging, de wijze van horen en de toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht, waarmee de Afdeling duidelijkheid verschaft over de vergoeding van kosten bij procedures tegen bestuursbesluiten.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt gegrond verklaard en de proceskostenvergoeding wordt verhoogd tot € 974,00; het hoger beroep van het college wordt ongegrond verklaard.