Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 7 juli 2016
V.o.f. [X] , te [Z] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Doetinchem, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
- of het bezwaar over november 2010 terecht niet-ontvankelijk is verklaard;
- of de hoorplicht is geschonden;
- de hoogte van de BPM;
- of sprake is van een schadevergoedingsplicht van verweerder, inclusief de grondslagen en de omvang daarvan;
- of eiseres in aanmerking komt voor een bovenforfaitaire vergoeding van de proceskosten die zij in verband met de behandeling van de bezwaren en beroepen heeft gemaakt.
Beslissing
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar;
- handhaaft de verschuldigde BPM voor auto 1 zoals deze na ambtshalve vermindering is bepaald;
- bepaalt dat deze uitspraak tot zover in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar;
- laat de rechtsgevolgen ter zake van de overige auto’s in stand;
- veroordeelt verweerder tot het vergoeden van de door eiseres geleden immateriële schade tot een bedrag van € 1.000;
- veroordeelt de Staat tot het vergoeden van de door eiseres geleden immateriële schade tot een bedrag van € 1.000;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres ten bedrage van € 1.651,50;
- gelast dat verweerder het door eiseres betaalde griffierecht van € 318 vergoedt.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;