Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , V-nummer: [nummer] , eiser
de minister van Asiel en Migratie,
Samenvatting
Procesverloop
Overwegingen
globaalin aanmerking worden genomen. [18] Eiser licht ook niet concreet toe op welke punten de beoordeling tekortschiet. De door eiser genoemde uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats Rotterdam van 25 november 2025 [19] gaat niet meer op omdat, zoals hiervoor is aangegeven, thans alle relevante omstandigheden voldoende kenbaar zijn betrokken. De beroepsgrond slaagt niet.
zich ervan moet overtuigendat adequate opvang in het land van terugkeer aanwezig is voordat hij een terugkeerbesluit uitvaardigt. De aard, omvang en duur van dat onderzoek verschilt van geval tot geval. [36] Aan eiser wordt voor het eerst een terugkeerbesluit opgelegd en nu de minister er zich van moet overtuigen dat adequate opvang in het land van terugkeer aanwezig is, gaat naar het oordeel van de rechtbank de onderzoeksplicht naar ‘adequate opvang’ verder dan de vraag of aangenomen kan worden dat er door de zorgplichtige ouder(s) op ‘enige wijze’ opvang geregeld wordt of kan worden in het land van terugkeer. De minister moet de vreemdeling daarom niet alleen daadwerkelijk horen over de omstandigheden waarin hij in het land van terugkeer kan worden opgevangen maar ook nagaan wat het verblijf van zorgplichtige ouders in een ander land dan het land van terugkeer betekent voor de adequate opvang in het land van terugkeer.