Conclusie
2.Ontvankelijkheid en belang
eigenbelang bestaat bij de mogelijkheid voor geïnterviewden om de juistheid en de volledigheid van de interviewverslagen te kunnen controleren.
3.Bespreking van het cassatiemiddel
heeft[curs. hof] verklaard, niet van hetgeen betrokkene (al dan niet bij nader inzien)
had willen[curs. hof] verklaren. De mededeling van de onderzoeker dat hij bij het verwerken van het commentaar van de geïnterviewden op de concept-interviewverslagen dit onderscheid heeft gemaakt en dat hij dienovereenkomstig aanvullingen en wijzigingen achteraf, waar relevant, als zodanig herkenbaar (door voetnoten) in de verslagen heeft verwerkt, strookt met een niet ongebruikelijke en redelijke werkwijze van onderzoekers. Voor zover Energie Concurrent meent dat het verslag – ook na verwerking van haar commentaar – het interview onjuist weergeeft, kan zij dat desgewenst in een eventuele tweede fase procedure aan de orde stellen.
hetgeen in de gegeven omstandigheden van een bekwaam en redelijk handelend onderzoeker mag worden verwacht(curs. ondernemingskamer). Wat dat in de praktijk betekent, kan niet in zijn algemeenheid worden gezegd. Ieder onderzoek is anders en verdient maatwerk. De aanpak zal steeds afhankelijk zijn van de concrete omstandigheden, van de aard van de rechtspersoon (betreft het bijvoorbeeld een beursfonds of een besloten verhouding), van de omvang en noodzakelijke diepgang van het onderzoek en van de betrokken belangen.”
Dit zijn geen regels of voorschriften maar uitsluitend aandachtspunten voor de onderzoeker, met enkele aanbevelingen of suggesties hoe te handelen.
Onderdeel 6klaagt dat, indien het recht op afgifte wel afhankelijk is van een belangenafweging, het oordeel in de tweede volzin van rechtsoverweging 2.10 onbegrijpelijk of onvoldoende is gemotiveerd.