Uitspraak
gevestigd te Britse Maagdeneilanden,
gevestigd te Amsterdam,
2.Uitgangspunten en feiten
3.Beoordeling van de incidentele vordering
4.Beslissing
18 oktober 2019.
Hoge Raad
In deze civiele zaak vordert International Strategies Group Ltd. (ISG) schadevergoeding van Natwest Markets N.V. ter hoogte van USD 14 miljoen. Het gerechtshof veroordeelde Natwest tot betaling van USD 250.000 met wettelijke rente en verklaarde het arrest uitvoerbaar bij voorraad. Natwest stelde vervolgens een incidentele vordering tot zekerheidstelling in van USD 610.000 om het restitutierisico te beperken.
De Hoge Raad overweegt dat bij het verbinden van een voorwaarde van zekerheidstelling aan de uitvoerbaarverklaring bij voorraad de maatstaven uit het arrest van 20 maart 2015 moeten worden toegepast. Hoewel het hof gemotiveerd heeft beslist over de uitvoerbaarverklaring bij voorraad, is over de voorwaarde van zekerheidstelling nog niet gemotiveerd beslist. Natwest voert aan dat zij een aanzienlijk restitutierisico loopt vanwege de onduidelijke financiële positie van ISG, het ontbreken van inzicht in haar bestuurders en het ontbreken van een executieverdrag tussen Nederland en de Britse Maagdeneilanden.
ISG betwist dit restitutierisico onvoldoende en geeft geen inzicht in mogelijke verhaalopties. De Hoge Raad concludeert dat er een aanzienlijk restitutierisico bestaat en dat de belangenafweging toewijzing van de zekerheidstelling rechtvaardigt. De zekerheid moet voldoen aan de eisen van artikel 6:51 lid 2 BW Pro, waarbij ISG de vrijheid heeft om de vorm te bepalen. De Hoge Raad veroordeelt ISG in de kosten van het incident en verwijst de hoofdzaak voor verdere behandeling naar de rol van 25 oktober 2019.
Uitkomst: De Hoge Raad verbindt aan de uitvoerbaarverklaring bij voorraad een voorwaarde tot zekerheidstelling van USD 610.000 door ISG.